Vruchtbaarheid



Dovnload 11.55 Kb.
Datum23.12.2017
Grootte11.55 Kb.

VRUCHTBAARHEID (update 2007)
Dat de lente, letterlijk, als "springtime" door onze reuen wordt opgevat is niet zo verwonderlijk als het misschien lijkt. De mannelijke hormonen beginnen in het voorjaar door de kelen te gieren en die van de teven blijven daar meestal niet bij achter. Dat deze biologische klok toch ook wel eens van slag kan zijn en dan weer vòòr en dan weer achter loopst weten de hondenbezitters maar al te goed. Het gevolg hiervan is dat de eerste verschijnselen van de loopsheid compleet gemist worden en het uitrekenen van de juiste dekdatum natte-vingerwerk wordt. Trouwens: ook als de berekening wèl klopte kan de teef voor een heel andere uitslag zorgen en de boel behoorlijk in de war brengen.

Een-veelal onervaren- baas komt er dan al snel achter dat een steuntje in de rug geen kwaad zou kunnen. Hij vraagt advies bij andere fokkers of bij de dierenarts en neemt zich voor om voortaan bloed te laten prikken bij zijn teef. Nu zal het bloed prikken het probleem niet zijn, maar wèl de test, die hieraan "gehangen" wordt. Dierenartsen werken namelijk niet allemaal met dezelfde methoden, waardoor het resultaat verschillend kan uitvallen. Zo bepaalt de een het juiste dektijdstip met kleuren"stalen" en de ander met getallen., maar het draait allemaal om de progesteron-bepaling in het bloed.

Wat achtergrond"muziek" bij deze laatste opmerking kan misschien geen kwaad.
De volwassen teef begint met een voorraadje van plm. 40.000 primitieve eicellen, die van tijd tot tijd door een hormoon (Follikel Stimulerend Hormoon) tot bloei worden gebracht.

De tot follikels gerijpte eicellen vormen o.m. oestrogeen, dat in hoge concentraties ervoor zorgt dat de follikels barsten en de eicellen naar buiten worden geslingerd. Dit is het moment van de bekende EISPRONG (ovulatie) en ook het tijdstip dat het achtergebleven restant van de follikel tot het z.g. GELE LICHAAM (corpus luteum) wordt omgevormd. Het door dit lichaampje op gang gebrachte hormoon PROGESTERON kan nu in het bloed van de teef meetbaar gemaakt worden.

Meestal wordt vanaf de 6e/7e dag na het begin van de loopsheid bloed geprikt en bij de kwantitatieve progesteron-bepaling (de test met de getallen) de concentratie van dit hormoon in het bloed uitgedrukt in nanogram per milliliter (ng/ml).

Na het bereiken van progesteronwaarden van 5-7 ng/ml zijn er 2 hoofdlijnen te onderscheiden bij de bepaling van de ideale dekdatum.

* De ene opinie blijft vasthouden aan de progesteronspiegel en adviseert in algemene zin een waarde van 10-15 ng/ml als optimaal dektijdstip.

* De andere (en waarschijnlijk ook wel de meest voor de hand liggende) opvatting laat na het constateren van een progesterongehalte van 5-7 ng/ml deze waarden los in verband met het rijpingsproces van de eicellen. Dit betekent dat dekking dan op zijn vroegst 24 tot 48 uur na het bereiken van de waarden 5-7 ng/ml moet plaatsvinden ONGEACHT HET DOORSTIJGEN VAN DE PROGESTERONWAARDEN BOVEN DE 15 ng/ml.

Een belangrijk verschil in uitgangspunt, dat uiteraard door uw dierenarts wordt bepaald, maar waarover u ook nadere toelichting mag vragen! Net zo goed als u dit mag en zelfs moet doen bij het gebruiken van andere methoden, zoals b.v. de kleurentest, die minder betrouwbaar lijkt te zijn. Bovendien staat de techniek niet stil, waardoor er in de loop van de tijd weer andere c.q. betere testmethoden ontwikkeld worden. Zo is er de mogelijkheid om via een echo van de eierstokken in 90% van de gevallen het moment van de eisprong (dus het centrale ijkpunt van de vruchtbare periode) aan te tonen. Deze methodiek wordt aangeraden als er bij de teef b.v. verminderde vruchtbaarheid wordt vermoed.
Natuurlijk garandeert geen enkele test een -liefst groot?- nest, omdat er nog andere obstakels op de loer kunnen liggen, zoals b.v. een Canine Herpes virus infectie (zie Algemene Info “Voortplanting”). Overigens wordt de waarde van het –vóór de dekking- maken van een kweek uit de vagina en het (preventief) geven van antibiotica aan de teef in twijfel getrokken. Niet alleen omdat het normale evenwicht van de vaginaflora verstoord kan worden, maar ook door de gevoeligheid van het sperma voor een groot aantal soorten antibiotica.

Per slot van rekening moet ook de reu zijn gezonde portie bijdragen aan de dekking!

Bij verminderde vruchtbaarheid van de reu zal vaak een spermaonderzoek de verhouding tussen levende, afwijkende en dode zaadcellen moeten bepalen.

Moderne methoden, zoals het computermatig onderzoeken en opslaan van de eigenschappen van spermacellen, zullen op den duur het “op het oog” van de dierenarts beoordelen van de zaadkwaliteit vervangen.


De tijd dat de teef en de reu het zélf allemaal mochten uitzoeken ligt ver achter ons, maar of het – ook letterlijk – handje helpen nu altijd nodig is….. Zo blijkt b.v. uit onderzoek dat er geen verschil in bevruchtingsresultaat is tussen groepen teven, van wie na de dekking (of K.I.) de achterhand resp. niet, één of tien minuten werd opgetild (het z.g. “hangen”).

Ook kan een niet gekoppelde reu, die het spermarijkste deel van de zaadlozing (de z.g. tweede fractie) in de vagina heeft gebracht, een teef tóch bevruchten.


Ondanks alle moderne kunstgrepen bestaat er gelukkig toch nog zoiets als puur natuur!

.

Deel met je vrienden:


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©tand.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina