Vervolg uitwerking stage- opdracht kwaliteitsverbetering



Dovnload 125.42 Kb.
Datum27.11.2017
Grootte125.42 Kb.

Vervolg uitwerking stage- opdracht kwaliteitsverbetering

Met deskundigheidsbevordering



Inhoud


Inhoud 2

Inleiding 3

Uitwerking enquête 4

Checklist voorlichting bij sondevoeding via jejunumfistel 8

Uitleg bij checklist 9



Inleiding


In de literatuurstudie die wij hebben gedaan naar de wijze waarop een patiënt geïnstrueerd moet worden over zijn/haar jejunumfistel, hebben wij een aanbeveling gedaan om een checklist te ontwerpen waarop kan worden bijgehouden wat de vorderingen van de patiënt zijn.

In dit document vindt u de checklist die wij daarvoor hebben ontworpen.


Daarnaast is er ook een onderdeel waarin de uitkomst van de enquête is weergegeven. Door middel van een enquête wilde wij in kaart brengen hoe de verdeeldheid is op de afdeling en waarom het dus van belang is dat er een checklist komt waarin precies staat wat een patiënt allemaal moet weten en kunnen.

Wij begrijpen dat een patiënt in het ziekenhuis veel informatie krijgt en dat wanneer hij/zij eenmaal met ontslag is er misschien nog onduidelijkheden zijn of dat er informatie is vergeten. Hiervoor hebben wij een korte patiënteninformatiefolder ontworpen waarin een patiënt nog eens rustig kan nalezen wat er allemaal belangrijk is omtrent het jejunumfistel. Deze wordt aan de patiënt gegeven zodra duidelijk is dat de patiënt met sondevoeding via een jejunumfistel naar huis gaat en zodra de patiënt in staat is om met de training om zelf te leren omgaan met het fistel.

Bij de checklist zit een uitleg waarin is weergegeven wat de verpleegkundige aan informatie moet geven aan de patiënt. Zodat iedere verpleegkundige hetzelfde aan de patiënt verteld.

Uitwerking enquête

Om duidelijk in kaart te brengen hoe groot de verdeeldheid op de afdeling is omtrent ons gekozen onderwerp, zijn een aantal vragen in een figuur weergegeven.






Ook is er verdeeldheid over wat een patiënt verteld moet worden over het geven van medicatie over de sonde. Er moet aandacht zijn voor welke medicatie door de sonde gegeven kan worden en welke niet. Een ander zegt dat het beter is om zo weinig mogelijk medicatie via de sonde te geven. Er is slechts één iemand die daadwerkelijk het stopzetten van de sondevoedingpomp noemt.
Over het verzorgen van het fistel zijn de antwoorden redelijk overeenkomend. Er mag mee gedoucht worden. Er moet een 5x5 drain gaas om het fistel en een 5x5 gaas over heen. Afgedekt met een tegaderm of pleister. Wat betreft de aandachtspunten is niet iedereen zorgvuldig, niet iedereen noemt de hechtingen als aandachtspunt en sommigen noemen alleen ontstekingsverschijnselen, maar het is ook belangrijk om te vertellen wat die verschijnselen inhouden.
Iedereen heeft ingevuld dat de sondevoedingssysteem 1 keer per 24 uur moet worden verwisseld. Er zijn wel een paar die de vraag niet goed hebben begrepen en een niet passend antwoord hebben gegegeven.
Als laatste de houdbaarheid van de sondevoeding op het moment van aanhangen. De meeste antwoorden zijn 24 uur. Een aantal noemen ook nog dat het afhankelijk is van het soort sondevoeding.

Voorlichtingsbrief voor patiënten met sondevoeding via jejunumfistel na een OCR


U bent op dit moment opgenomen op de afdeling chirurgie in het AMC. U heeft een operatie ondergaan aan de slokdarm en maag. Tijdens deze operatie heeft u een jejunumfistel gekregen. Dit is een slangetje (sonde) dat in uw darm ligt en via de buik naar buiten komt. Hierover krijgt u sondevoeding toegediend en kan (een deel) van de medicatie worden toegediend.

U zult ook na uw opname nog sondevoeding krijgen en daarom is het van belang dat u leert om hier zelf mee om te gaan. Deze informatie brief is de eerste stap in die richting. De komende dagen zal u onder begeleiding leren wat er allemaal komt kijken bij het verzorgen van het jejunumfistel. U zal ook onder begeleiding van een verpleegkundige gaan oefenen met de volgende handelingen: het verzorgen van de insteek van de sonde, het doorspuiten van de sonde en eventueel het toedienen van medicatie van de sonde.

Deze brief dient tevens als geheugensteuntje, de informatie die de verpleegkundige verteld kunt u hier nog eens rustig nalezen.
Algemene informatie

Het is van belang dat de sonde tenminste 4 keer per dag wordt doorgespoten met 20 ml lauwwarm kraanwater. Dit is om verstopping van de slang te voorkomen. Het water mag niet te heet zijn omdat dit schadelijk is voor de darm. Als het water heel koud is dan kan u kramp in de buik krijgen. Het beste is om handwarm water te nemen.

Het is aan te raden om de momenten waarop u de sonde doorspuit zo goed mogelijk over de dag te verdelen. Er zijn nog een aantal andere momenten waarop de sonde moet worden doorgespoten en dit is wanneer er een nieuwe sondevoedingszak wordt aangehangen en voor en na het geven van medicatie via de sonde. De verpleegkundige zal u laten zien wat de juiste manier is om de sonde door te spuiten.
Niet alle medicatie mag per definitie door de sonde. De verpleegkundige is op de hoogte wat wel en niet door de sonde kan en wanneer u met ontslag gaat en u heeft vragen over uw medicatie dan kunt u terecht bij uw eigen apotheek.Het is belangrijk dat u zicht hier aan houdt want sommige medicatie kan niet door de sonde omdat er dan verstopping van de sonde optreedt en sommige medicatie mag niet door de sonde omdat de werking van de medicatie dan verminderd of veranderd is.
Daarnaast is het ook van belang dat u de insteek van de sonde op uw buik kunt verzorgen en weet waar u thuis op moet letten.

De insteek moet dagelijks verbonden worden. Dit kan het beste ’s ochtends gedaan worden bijvoorbeeld na het douchen. U mag namelijk gewoon douchen met een jejunumfistel. Als u het oude verband eraf haalt, let er dan op dat de hechtingen waarmee het slangetje vastzit nog goed op hun plaats zitten.

Andere punten waarop u moet letten zijn:


Indien een van deze verschijnselen optreedt raadpleeg dan altijd uw huisarts.

Eventuele viezigheid rondom de insteek kunt u weghalen met een gaasje met alcohol. Per streek een gaasje gebruiken.



Een insteek wordt verbonden met een splitgaas 5x5 cm. (een ingeknipt gaas) die om het slangetje wordt geplaatst. Daarover heen een gewoon gaas 5x5 cm. en afdekken met een pleister of tegaderm (een filmpleister).
Bij verstopping van de sonde kunt u allereerst proberen om de sonde door te spuiten met een klein spuitje (2ml) en warm kraanwater. Pas op dat u niet te heet water gebruikt want hierdoor kunt u brandblaren krijgen in de darm. Mocht de sonde nog steeds verstopt zitten, raadpleeg dan uw huisarts of de spoedeisende hulp van uw ziekenhuis.
Referenties:

  • Verzorgen (en doorspuiten) jejunostomiekatheter, protocollen voorbehouden, risicovolle en overige handelingen, sondevoeding jejunumsonde. Vilans 2007. Gebaseerd op Protocol: Verzorging van jejunostomiekatheter. Leids Universitair Medisch Centrum 2001.

  • Toedienen medicijnen via een jejunostomiekatheter, protocollen voorbehouden, risicovolle en overige handelingen, sondevoeding jejunumsonde. Vilans 2008. (LUMC)

  • Tas T.A.J., Jonkers C.F. en Bakhuysen C. Protocol: Sondevoeding toedienen via duodenumsonde of jejunum fistel, continu of intermitterend via pomp of druppelsysteem, AMC; 2005

  • Protocol Oesofagus-cardiaresectie met buismaag reconstructie (Protocol AMC) 2010

  • De jejunostomiekatheter na een buismaagoperatie. Algemene Chirurgie. Patientenvoorlichting. Cahtarina-ziekenhuis; 2009

  • Handleiding van de apotheek van het AMC



  • Checklist voorlichting bij sondevoeding via jejunumfistel


Bij patiënten die naar huis gaan met sondevoeding


Handeling

datum

Rapportage

Verzorgen insteek

  • Uitleg







  • zelfstandig










Sonde doorspuiten met minimaal 20 ml lauw kraanwater (minstens 4 keer)

  • Uitleg




  • Onder begeleiding




  • Zelfstandig










Medicatie via sonde

  • Uitleg




  • Onder begeleiding




  • Zelfstandig










Wat te doen bij verstopping

  • Uitleg




  • Nagaan of patiënt het begrepen heeft










Voorlichting:

  • Houdbaarheid sondevoeding







  • Dislocatie sonde










Bijzonderheden:









Uitleg bij checklist


Deze uitleg is bestemd voor de verpleegkundige om de voorlichting eenduidig te maken. In de checklist kan worden afgetekend of de voorlichting is gegeven.

Verzorging insteek:

  • De insteek 1 x per dag verbinden (dit kan de patiënt het beste ’s ochtends doen bijvoorbeeld na het douchen)

  • Bij verwijderen oude verband er op letten dat de hechtingen waarmee het slangetje vastzit nog goed op hun plaats zitten.

  • Andere punten waarop gelet moet worden zijn:

    • eventuele roodheid rondom de insteek

    • eventuele viezigheid die er uit komt

    • pijn

    • verharding rondom de insteek.

Indien een van deze verschijnselen optreedt raadpleeg dan altijd uw huisarts.

  • Eventuele viezigheid rondom de insteek kan weggehaald worden met een gaasje met alcohol. Per streek een gaasje gebruiken.

  • Een insteek wordt verbonden met een draingaas 5x5 cm. Daarover heen gaas 5x5 cm en afdekken met een papierenpleister of tegaderm.

Sonde doorspuiten

  • Minimaal 20 ml lauw kraanwater

  • Minstens 4 keer per dag doorspuiten, in ieder geval:

  • 20 ml spuit gebruiken (mag 24 uur bewaard blijven mits deze los van elkaar gereinigd en droog bewaard worden, datum en tijd noteren)

Medicatie via sonde

  • Voor en na toedienen van medicijnen sonde doorspuiten

  • Medicatie kan gemakkelijk worden opgelost door stamper van spuit los te maken, hierin gemalen medicatie te doen en vervolgens hier 20 ml lauw water bij te doen. Hierna goed schudden tot alles goed opgelost is.

  • Raadpleeg apotheek van AMC voor medicatie wel of niet door sonde, dit aan de patiënt vertellen (en eventueel een overzichtje maken van de medicijnen die de patiënt thuis ook gaat krijgen). Patiënten kunnen thuis bij hun eigen apotheek navraag doen en eventueel bij de huisarts of thuiszorginstantie.

Wat te doen bij verstopping van de sonde

  • Eerst met 2 ml spuitje met lauwwarm water proberen sonde door te spuiten.

  • Sonde tussen twee vingers wrijven om aangekoekte restjes los te krijgen.

  • Wanneer dit geen succes heeft kan de sonde kan worden doorgespoten met Natriumbicarbonaat 8,4 % (intraveneus). Hiervoor kan er een kraantje op gezet worden en de Natriumbicarbonaat in een 2 ml spuitje met kracht door de sonde proberen te spuiten. Bij enige instroom kan de druk op het spuitje worden gehouden en het kraantje dicht worden gezet. Dit kan een uur worden ingewerkt en vervolgens deze procedure herhalen totdat de sonde doorgankelijk is. Hierbij mag maximaal 10 ml natriumbicarbonaat per 24 uur worden toegediend. (dit de patiënt zelf thuis niet laten doen! Maar doorverwijzen naar huisarts/SEH/thuiszorginstantie)

Houdbaarheid sondevoeding

  • Algemene houdbaarheidsdatum staat vermeld op de sondevoeding.

  • Wanneer sondevoeding aangebroken wordt is dit 24 uur houdbaar.

  • Sondevoeding in glazen flessen of plastic containers mogen maximaal 8 uur aanhangen.

Verschonen toedieningssysteem

  • Het toedieningssysteem moet iedere 24 uur vervangen worden


Deel met je vrienden:


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©tand.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina