Versie 2 februari 2017, 425. 909 woorden Versie maart 2016, 422. 200 woorden



Dovnload 20.67 Mb.
Pagina56/148
Datum07.11.2017
Grootte20.67 Mb.
1   ...   52   53   54   55   56   57   58   59   ...   148

stallatio installation

stallum a stall

stalo a stallion

stambeer stamhouder

stamen linsey woolsey cloth. O.E. stamine

stamen, stagmen tin

stamina, staminea, stamineum the same; a garment made of such cloth

stammbuch oorspronkelijk geslachtsregister. Later een boek waarin familieleden en (later) ook; vrienden van de eigenaar iets schreven als aandenken

stancilla stirrups (?)

stancum a pond, a tank

stand burgerlijke stand, bevolkingsregister, beroep

standardum a banner; legal weight and measure

standkandeler grote kandelaar die niet verplaatst werd

stangneus, stanneus of tin

stannaria a tin mine

stannarius tinnegieter

stannarius a pewterer; a tinman

stannarius kannen ‑, tinnegieter

stannator a tin miner

stannatus dyed

stannum tin

stanso a stanchion (?)

stante pede zie pedestantelijk

stantiva fenestra a window reaching to the floor (?)

stapellum a staple, a bolt

stapha a stirrup

stapula, stapulum a market or staple

stara 8 bushels, or 2 gallons

stare ad vallen onder

stare ad iura patrie et vicinorum vallend onder het land‑ en buurrecht

starrum a Jew's deed or bond

stat kiste kast met laden, die tevens als tafel diende; men bewaarde daarin behalve verschillende charters en boeken ook; het stadszegel en de standaard van maat en gewicht, in de raadsvergaderingen zaten de kameraars en de stadsklerk daar omheen

statbrief akte, opgemaakt van een voor het gerecht verrichte handeling en ten bewijze daarvan voorzien van het grote stadszegel

statebode bode bij de staten

staterarius wagenmaker, rijtuigmaker

staterarius wagenmaker

stateren laten staan, in staat stellen

statieren vaststellen, verordonneren

statim direct, terstond

statim terstond

statim immediately, now

statim terstond, op staan

stationarius a canon in residence

statt stad

statue beeld, stokbeeld

stature lijfsgroot, lijfstal?

status aniniarum (lett. staat van de zielen) lijst van de parochianen

status, ‑us toestand, stand, lijst, staat

statutum a statute



statueren instellen, vastzetten

statuyten instellingen, landrechten, stadswetten, keuren

stauramentum the stock of a farm

Stauria Stavoren

staurus stock; store

stave knots, het wapen van de strijders te voet, goedendag

stedige woen iemands hoofdverblijf

steekan inhoudsmaat, bij natte waren. 1 steekan = 1/8 aam =16 mengel =ca 18,75 ltr

steelboerskijn beurs waarin het gestolen geld opgeborgen werd

steen gewicht, 1steen = 8 pond, maar ook; 6 pond gezien

steen om den hals een zware steen aan een ketting om de hals gehangen als straf o.a. voor laster

steenbickelaar, metselaar, steenbikker

steenbickelere zie steenbickelaar,

steenboete de levering van een zeker aantal stenen voor den stadsmuur, later vervangen door betaling van de waarde daarvan ook; een zware steen, door vrouwen, die een of ander misdrijf gepleegd hadden, volgens rechterlijk vonnis om de stad gedragen

steengelt zie: sluutgelt

steenkosten gevangeniskosten

steenpoorte stenen stadspoort, hierin was vaak de gevangenis voor landlopers en vagebonden

steenput waterput

steenstuk oorlogswerktuig, katapult voor grote stenen

steenwaerder gevangenisbewaarder in de steenpoort

steenwech steenweg

steewyf stadsvrouw

stekaed stock steekwapen , b.v sabel, degen ?

stella a kiddle, a weir for fishing; a rowell, a trendle, a hoop with candles thereon

stellata camera the Star Chamber

stellmacher wagenmaker

stemma stamboom,

stemma (gentile) pedigree

sterbefõlle sterfgeval, overledenen

sterculinum mesthoop, beerput

sterculium mestvaal, beerput

stere inhoudsmaat, 1 stere = 1 m3 los opgestapeld brandhout, double stere = 2 m3

sterfhand geestelijke liefdadige instelling

sterfhuis nalatenschap

sterfput beerput, zinkput voor de privaat

sterilensium solidi shillings sterling

sterilitas onvruchtbaarheid

steriliteit onvruchtbaarheid

sterlingus sterling; an English penny; money

stermannus a steersman

sternium a bedstead

sterquilinum mesthoop, beerput

sterquilinum beerput, zinkput voor de privaat

sterre zie stere

sterzer landloper

steynare to stain

steynmetzer metselaar

stibiare to starch

stica a brass Saxon coin, worth half a farthing; a stick of eels, i.e., 25

stiefsnaar vrouw van de stiefzoon

stieg hoeveelheid, 1 stieg eieren = 20 st eieren

stift klooster

stiga a pricket for a candle

stijffmoeder stiefmoeder

stijg zie stieg

stika See stica

stillatorium a distillery

stille wacht personen die de beerputten leegmaakten

stille woche week voor Pasen

stille zaterdag zaterdag voor Pasen

stiller freitag goede vrijdag

stilletje kastje met po achterdeurtje op schap

stillevanger personen die de beerputten leegmaakten

stilo novolabl. aanduiding voor de nieuwe kalenderstijl van 1582

stimulatie aanporring

stimuleren voortdrijven, aanporren

stina the handle of a plough

stinarius a ploughman

stingus a shrimp

stinkroer geweer

stipa a metal bar, as on a belt

stipael tot de familie behorend

stipes a tally

stipula stubble

stipulatie afspraak, overeenkomst, toezegging

stipuleren toezggen, bedingen

stipus bedelaar

stiremannus a steersman

stirpis van de stam, van de familie, van de afstammeling, van de nakomeling

stirpis van de afstammeling, van de familie

stirps het geslacht, de familie, erfgenamen

stirps stam, familie, afstammeling, nakomeling

stivale, stivallum, stivella a boot

stiven (enen bijstaan, handhaven

stochia See stachia

stockarius a stockfishmonger

stockhouder ambtenaar belast met de wettelijke verkoping van goederen

stockleggensbrief akte van overdracht van een goed met stoklegging

stocksgewijs volgens de graad van verwantschap

stoep ratelwacht, nachtwacht, drinkbeker

stoepschijter huursoldaat, huurling

stoet zie: stoot

stoetselaer steekwapen

stoffare to stuff

stoffeta stubble

stoffura equipment; provisions; material; stuff

stofvarken handveger, stoffer

stok leggen in rechte afstand doen van (onroerend) goed en in eigendom overdragen door het neerleggen van een stok als eigendomssymbool

stokbewaarder cipier

stokwaarder gevangenisbewaarder

stola a stole

stolium a fleet or army

stonda staddles

stoolgelden onzekere inkomsten van een priester bij het verrichten van bepaalde handelingen (dopen, trouwen, begraven)

stoop inhoudsmaat, bij natte waren. 1 stoop = 2 mengel =ca 2,4 ltr, bij melk =ca 0,75ltr

Stoop circa 2,42 liter. (inhoud maat maten gewichten)

stoot geschil, twist, oploop

stophare to store; to stuff

stoppa tow; a stoup

storea straw

storger marktschreeuwer, ook; zwerver

storium See stolium

storting miskraam

stotarius a keeper of horses or oxen

stoter munt 17e‑18e eeuw, gelijk aan 40 penningen

stottus a horse or an ox

stoven voetstoof

stowagium stowage

straciatus striped

stracus a strake; a tire

strada a stripe

straetbespieder rover in het struikgewas of hinderlaag

straetmare overal bekend gerucht

straetmodder vuil op straat, ook; vaak van de beerput

stragulare to strangle; to embroider of divers colours

stragulati fratres Carmelite Friars, whose clothing was parti‑coloured when in Palestine

stragulator an embroiderer

stragulus variegated

straiatus strayed

stramere to strew

straminare to strew with straw

stramura straw for the floor

strandagium strandage, payment for leave to beach a boat

stranglinum squirrel fur

strangulum ray, a striped cloth

stranlingum squirrel fur

strata a street, a high road

strata straat

stratagema arglistigheid, loze trek, loosheid (slimheid)

stratarius zadelmaker

stratilectilia bedding

strator a groom

Streep na 1820 vastgesteld op 1 millimeter (lengte maat maten gewichten)

strenare to send a New Year's gift

strepa a stirrup

strepare to strip

strepitus destruction; estrepement

streppum See strepitus

striaballum a cog of a wheel

striatus engrailed See engrallatus

stricatus striped

stricum a strike, a stick used for levelling corn in the measure; the eighth of a quarter

strigil a currycomb

strijckvat maatvat voor het afmeten van droge waren

strijcrepe koord om het laken mee te meten

strikte gijzeling (in) onder streng arrest

strikum See stricum

stro hoeveelheid speciaal voor vis, bekend is1 stro haring = 500 st., 20 stro = 1 last

stroda sands

stroe dack Zie week dack

stroedecker strodaklegger

strofa a stirrup

stroncken staken, afgezaagde boom, van een geslacht

stronckgoed familiebezit

strublus a staff; a goad

structure timmerwerk, gebouw

structus a suit (of clothes)

stuba a stove; a stew

stubula stubble

student leerling, boekoefenaar, schoolgast

studeren vlijtig, oefenen, benaarstigen

studie leeroefening, vlijt

studieus naarstig, vlijtig, leerzuchtig

studiosus ijverig, student

studiosus studerend, student

studiosus student

studium a university; a study (room)

studium ijver, studie

studium generale a university

studoor oefenkamer

stufa, stuffa a stove; a stew; a hot bath

stuferus stuiver, stuivers

stuffare to stuff; to give a hot bath to

stuffura See stoffura

stuiver muntsoort, waarde 1/20 gulden

stuksgewijze (iets) en detail verkopen

stulta zie stultus

stultus (vrw.‑a) gek, zot, beroofd van zijn/haar zinnen

stultus beroofd van zijn/haar zinnen, gek, zot

stupenator badkuipbezitter

stupiditeit stompheid, domheid, botheid, domme streek

stuprata pregnant out of wedlock

stuprata ongehuwde zwangere vrouw

stuprator father of illegitimate child

stuprum echtbreuk, overspel, verkrachting

stuprun violentium verkracht, schofferen

stupula stubble

sturemanus See stiremannus

sturgio a sturgeon (acipenser sturio)

sturte dun plaatijzer voor harnassen

stylo novo volgens de nieuwe stijl (kalender na 1582)

stylo veteri volgens de oude stijl (kalender voor 1582)

suade(e)ren raden, oefenen,

suae coniugis van zijn (wettige) echtgenote

suae coniugis (legitimae) van zijn (wettige) echtgenote

suae uxoris (legitimae) van zijn (wettige) echtgenote

suanimotum a swainmote, a forest court

suaria a horsecloth (sudaria)

suasie aanrader, overreding

suasor overreder

suatie afvoer, lozing van (overtollig) water

suatim among themselves; by himself. The word occurs in classical Latin, but derived from sus not suus

sub onder, omstreeks, tegen

sub onder

sub + abl ten tijde van (Smetius)

sub condicione onder voorwaarde (doop na nooddoop) (een doop 'onder voorwaarde')

sub dimissorialibus met de verlofbrieven van



sub dimissorialibus Reverendi Domini pastoris sponsimet de verlofbrieven van eerwaarde heer pastoor van de bruidegom

sub hac condicione onder deze voorwaarde

sub hac parochia onder deze parochie

sub iuramento onder eed

sub matricularius onder koster

sub mediam noctem omstreeks middernacht

sub meridiem tegen de middag

sub scuto + gen. onder het teken (uithangbord) van ...

sub signo aurei leonis onder het teken van de gouden leeuw

sub tutela under guardianship

sub urbe buiten de stad

sub vesperam tegen de avond

subalternatie onderbeurtigheid, (ondergeschikheid?)

subalterne onderhorig

subalterne regters die onder een andere hogere rechter staan

subalternus subordinate

subarrare to plough up; to espouse; to give a pledge, or earnest; sometimes to take a pledge

subboscus underwood

subcenturio tweede‑ of onderluitenant

subcisivus subsicivus, vrij, overblijvend, afgesne­den; subcisivis horis: tijdens verloren uurtjes (Smetius)

subcommendator officier

subdiaconus a subdeacon

subditus onderdaan, leenman, ingezetene, inwoner

subdiveren onderscheiden

subductura lining or trimming

subescaetor an under‑escheator

subfalcum aftermath (?), or a field after mowing or reaping

subharrare to plough up

subicieeren onderwerpen

subijt zie subyt

subitanea morte door een plotselinge dood

subitanee (Lat. subitaneus) plotseling, plots

subitarius hurriedly

subito suddenly

subito plotseling

subito defuncta plotseling overleden

subitus sudden

subject onderwerp, onderworpen, grondzaak, grond

subjectie onderwerping, onderworpenheid

subjiciÙren onderwerpen

subjugalis a beast of burden

subjungeren onderwerpen, ondervoegen

sublarvare to act in a mask

sublegerius guilty of incest. (A.S. sibleger.)

sublev(e)eren opheffen, opbeuren, optillen

subligacula breeches, stockings

subligar a garter, in classical Latin a waist band

submatricularius onderkoster

submersus verdronken

submissie onderworpen, mee akkoord gaan

submitteren onderstellen, verblijven

submi¯ie onderstelling, verblijf

submonere to summon

submonitio summons

submonitor a summoner

subnervare to hamstring; to hough

suboles kind, afstammeling, nakomeling

suborn(e)eren heimelijk opzeggen, uitmaken

suborneren heimelijk besteken, uitmaken

subpedium a treadle

subplacitare to cite before a court of law

subprior an officer of a convent next in authority to the prior

subprisia surprise

subregulus a baron, a lord

subrept steelswijs, ter sluip, in het geheim

subreptie heimelijke onttrekking

subreptijf onderkropen

subrideren meesmuilen, kokermuilen?

subrogeren in de plaats van een ander stellen, plaats vullen

subrubeus reddish

subsannatio derision

subscribere, subscripsi, subscriptum ondertekenen

subscribtie, subscribtie ondertekening

subscripserunt zij hebben ondertekend

subscripsi ik heb ondertekend

subscripsit hij/zij heeft ondertekend

subscriptie ondertekening

subscriven ondertekenen

subsecutum matrimonium is gewettigd door het daarop gevolgd huwelijk

subsequens (hieronder) volgend

subsequens (hieronder) volgend

subsequens, ‑ntis erop volgend

subsidie onderstand

subsidium an aid, a subsidy

subsignare ondertekenen

subsignavit he/she signed with a mark

subsigneren ondertekenen

subsistentie onderstandigheid, bestaanlijkheid, het op zich zelf bestaan, levensonderhoud

subsisteren bijstaan, onderstand doen, helpen

subsisternium a litter

substantie wezenlijkheid, zelfstandigheid, werkelijkheid, ook; essentie, samenvatting

substantieus bondig, zelfstandig, op eigen kracht

substitutie in de plaatsstelling, onderstelling, erfmaking (erfstelling over de hand, aanstelling tot erfgenaam na de dood van een erfgenaam of vruchtgebruiker)

substituÙren in de plaats stellen, onderstellen, erfstellen (aanwijzing van erfgenamen)

substituyt in de plaats gesteld, ondergestelde, plaatsvervanger

substractie aftrekking

substraheren aftrekken

subtijl spitsvinding, scherpzinnig, fijn, snedig

subtiliare to diminish; to act craftily

subtiliseren haarkloven, al te fijn uit pluizen

subtiliteit subtiliteit, spitsvondigheid, scherpzinnigheid

subtractio, ‑ionis intrekking

subtractio, ‑nis F intrekking

subtribunus onderbevelhebber

subucula a bodkin. (In classical Latin subucula is a shirt, and subula an awl.)



subulcus varkenshoeder, zwijnenhoeder, varkensdrijver

suburbanus a countryman, a rustic

subvasor an esquire, a tenant of a knight

subveniÙren voorkomen, te hulp komen, onderstand doen

subventie onderstand

subventio, ‑nis F heffing

subversie omkering

subvirguleren onderstrepen

subyt snel, terstond, gezwind

succedeerde volgde op

succedere, successi, successum III opvolgen

succederen involgen, navolgen, gelukken, in het erfrecht opvolgen, erven

succellerarius an undercellarer

succentor assistant to the armarius in a monastery

successeur erfgenaam, nakomeling

successor, ‑is opvolger

successores successors (Excudebant haeredes & successores Andreae Anderson = The heirs and successors of Andreas Anderson printed [this book]) (technische term boekdrukken)

succe¯ie versterffenis (bij sterven overgaan), navolging, involging (zijn wensen vervullen)

succidia a flitch of bacon

succidium sowse, pickle

succincte beknopt

succomberen verliezen van het proces, veroordeeld worden

succours hulp

succumbant verliezende partij

succumberen onderliggen

succurrum candidum sugar candy

succursalis hulpkerk

succursarius a courser (horse)

succursus help

suchia a stump

sucura sugar

sud zuid


sudor, ‑is M zweet

suera See sewera

suerde zwaard

Suestra / Sustula Susteren

suetta, suettum suit

suffalum See subfalcum



sufferator hoefsmid, ook claciferrator

sufferentia a grant; sufferance; a suspension of arms, armistice

sufficere (‑io), suffeci, suffectum voldoen

sufficientem facere deugdelijk houden, voldoende vinden

sufficientiem facere deugdelijk houden

suffisant genoegzaam

suffisante voldoende

suffisante cautie jurisdictie onder deze een voldoende borg binnen deze jurisdictie

sufflum a whistle

suffocatus gestikt, gewurgd

suffraganeus a suffragan or subsidiary bishop, who assists the bishop of a diocese

suffrago a pastern

suffurrare to trim with fur

sui juris onafhankelijk, mag zonder toestemming ouders trouwen

suissimus very own

suite stoet

suitor a follower; a suitor

sulcke effecte (ten) met zodanige uitwerking

sulfferpriem zwavelstok, voorloper van de lucifer

suliva See sulliva

sullinga, sullingata a plough‑land (A.S. sulung), used as equivalent to hide or carucate

sulliva a beam, a sill

sullo a furrow

suma See summa

sumelarius a butler; a scullion

sumeracius, sumericius equus a packhorse

sumere, sumpsi, sumptum III nemen

sumetarius See summetarius

sumittieren onderwerpen

summa som, totaal, bedrag



summa gradu met, in de hoogste graad

summa lateris het totaal van de bladzijde, bedrag van deze bladzijde

summa mensa high table

summa summaris totaal van alle (blad) totalen

summa totalis totaal bedrag, eindbedrag

summagiare to carry loads

summagiatio carrying loads

summagium a horse‑load, a soam; obligation to supply pack‑horses; toll for horses

summarius a pack‑horse, a sumpter horse

summata a load

summer zie somer

summetarius a man in charge of pack‑horses

summista a compiler of a summa or abstract

summitas the top of a hill

summo mane 's morgens vroeg

summonere to summon

summonitio summons

summonitor a summoner

summus a soam See summa

summus zeer voornaam (Smetius)

summus pontifex Paus

sumptibus + gen. op kosten van ...

sumptueus kostelijk

sumptus expense (Sumptibus H. Maynardi = [Published] at the expense of H. Maynard) (technische term boekdrukken)

sumptus, ‑us uitgave

sunlichten zonnewende, 24 juni

sunt, qui verschillende personen (Smetius)

sunte (Nicolaes) sint (Nicolaas)

Suornum Soeren

suparum a linen sleeve; a shirt

supellectilis gebruiksvoorwerpen (Smetius)

superabondant overvloedig

superabondantie overvloed

superaedificium an upper building

superaltare a portable altar; the shelf at the back of an altar

superannuatus more than a year old

superatus gescheiden

superaudire to overhear

superbe hoogmoedig, trots, hovaardig

superbiteit hoogmoedigheid, trotsheid

superculum a coverlet

superdemanda excess of claim

superdicere to accuse

superexceptus despised

superfactum profit

superficie oppervlak, vlak, vlakte

superfidere to trust too much

superflu overvloedig, overtollig

superfossorium a drawbridge

superfrontale a superfrontal, a cloth hanging above a frontal

supergabulum overgavel

superhidagium superhidage, the extra rate per acre imposed upon a hide of small extent

superintendent superintendent, oppervoogd



superior hoger (gelegen)

superior dominus leenheer, leider, vorst

superioriteit superioriteit, overheid

superius hierboven

superlabium the upper lip

superonerare to overload

superpellicium a surplice

superplus, superplusagium a surplus; the amount which a sheriff or other officer has spent beyond his receipts

superprisia seizure by surprise

superscriptie opschrift

supersede(e)ren aflaten, nalaten

superseminatus measled (of pork)

supersisa sursise, penalty for neglect, esp. for not paying castle‑ward at Dover

supersolutien schriftuur waarbij iemand bewijst, dat zijn partij het bewijs niet voldaan heeft dat hem bij de rechter was opgelegd

superstes overlevend, afstammeling,

superstitie overtolligheid, bijgeloof, afgeloof, wangeloof, waangeloving

superstitieus overstallig?, bijgelovig

supertenere to hold over; to neglect

supertunica a garment worn over a tunic

supervidere to survey, to examine

supervincere to conquer

supervisor a surveyor; an overseer

supervisus survey

supparum See suparum

suppeditare to trample on

suppediteren toereiken

suppelex, supellectilis (f) huisraad, meubilair; uitrus­ting, gereedschap; uitrus­ting, bagage (Smetius)

suppi evil trad op in plaats van

supplement suppletie, vulling

supplere II aanvullen; ten doop heffen

suppleren vullen, vervullen

suppleverunt die bij hun afwezigheid vervangen werden door

suppliant indiener van een verzoek of request (rekest)

supplianten indieners van een verzoek of request (rekest), smekelingen, verzoekers

supplicare (a) verzoeken (aan)

supplicatie smeking, smeekschrift, ootmoedig verzoek, verzoekschrift, smeekschrift

suppliceren smeken, te voet vallen (neer knielen ?)

supplicie straf, lijfstraf

supponeren veronderstellen



Deel met je vrienden:
1   ...   52   53   54   55   56   57   58   59   ...   148


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©tand.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina