Versie 2 februari 2017, 425. 909 woorden Versie maart 2016, 422. 200 woorden



Dovnload 20.67 Mb.
Pagina55/148
Datum07.11.2017
Grootte20.67 Mb.
1   ...   51   52   53   54   55   56   57   58   ...   148

singnifacere See signifacere

singnificare. Used for significare

singnum used for signum

singulariteit bijzonderheid, eigenaardigheid, zonderlingheid

singulier bijzonder, zonderling

sinilis afgeleefd, door ouderdom

sinimum cinnamon

sinister slinks, vals

sinistrare to turn to the left; to walk on the left of

sinodogium an inn (xenodochium)

sinopel heraldiekteken, kleur, ook; groen of emaldgroen genoemd, weergave met schuinsrechtse arcering

sinstag dinsdag

sinte de heilige

sinxen Pinksteren

sippe een niet scherp begrensde groep van verwante personen, in engere zin de gehele verwantschap van enkele personen

sippenamt genealogisch bureau

sippenforschung genealogisch onderzoek

sippenhaft in arrest, in hechtenis zijn van de familie

sippenlade familiearchief

sippenschafttafel sibbetabel, tabel van familieleden

sippenstolz familietrots

sippen³³berlieferung familietraditie

sira See schira

sirgia an instrument of torture

sirographum See chirographum

sirotheca See chirotheca

sirurgicus a surgeon (chirurgicus)

sisara See sicera

sisenaer sijsmeester

sistarchia a bag or basket

sister inhoudsmaat voor koren =ca 49 ltr.

sisteren in recht stellen, iemand vertonen, ofte doen komen

sit venia verbo vergeef me het woord

sitarius, sitator a summoner

sitientes venita (ad aquas) zaterdag voor Pasen

Sittardiensis van Sittard

sittekiste stoel met er onder een gesloten kist

situ ter plaatse

situare to be situate



situs gelegen, oorspronkelijke toestand, situatie, stand, gelegenheid

sive tenzij, hetzij, ofwel, anders gezegd

skamberlengeria chamberlainship

skarkalla an engine for catching fish

skella, skelletta a small bell

skerda a scar

skermia swordplay, fencing

skilla a small bell (schilla)

skippagium embarkation; passage money on board ship; hire of a ship

skirmia fencing

skuvinagium, skyvinagium the revenue of a scabinus; some due at Calais harbour

slaaprok zie beidje, ook; bijtje genoemd

slabbe zie saloppe

slach aandeel meestal: een gedeelte van een weg, water of dijk, tot welk onderhoud een college of een persoon verplicht is

slachbosch kreupelhout, struikgewas, hakhout

slachcleet kussenovertrek

slachmolen oliemolen

slachtbeeste slachtvee

slachturf baggerturf

slaeckijnghe vrijlating

slaepclocke avondklok, gaf het begin van de nacht aan

slaepers messe mis omstreeks 10 uur 30 voor de middag

slaeplaeckens beddenlakens

slaeplaken bedlaken, lijkkleed

slaepstat slaapplaats

slaepstede zie slaepstat

slagturven veen baggeren, de veenlaag onder water werd tot op de kleilaag door slagturven gewonnen

slaper de balk waarop het span van het dak rust. ook; een schepenbrief die niet tijdig vertoond is en dus zijn kracht grotendeels verloren heeftook; betaalmiddel, zilveren munt ca 1500

slavine reismantel

slechtbijl bijl met korte steel

sleef pollepel, zowel van hout als metaal

sleepdegen lange degen

sleepstake soort eg, houten plank met korte tanden om het land glad te maken

sleescatte, muntrecht

sleg zie slegge

slegge grote, houten hamer, inz. voor inslaan van palen gebruikt.

sleghel houten hamer, maar ook; hendel

sleis lange stang met greep, om grote vuren en roosters schoon te maken

slemp slijmerige klei

slenk ondiepe kom

sleunen hakken

sleutelraaks ketting waaraan de vrouwen hun sleutels droegen

sleutelriem zie sleutelraaks

sleynen snoeien van takken

sliclant niet bedijkt land

slief zie sleef

slincker linker, aan de à..

slippa a stirrup

slobbe zie salope

slobhoos slobberbroek

sloobrade gebraad van gevulde varkensdarmen

slop geheime plaats, schuilhoek, doodlopende steeg

slotelare slotenmaker

slotemakre zie slotelare

slots boete

slovaert rouwmantel, gedragen door de lijkbidder

sloyer lange smalle doek, als versiering op een hoed gedragen

sluier sjerp

sluikerijen smokkelarij

sluipschool niet erkende school

Slusa / Sclusa Sluis

sluuswael verdiept en verbreed deel voor de sluis

sluutcorf korf met deksel (s)

sluutgelt de geldsom, door de in boeien gesloten (of afzonderlijk opgesloten) gevangenen betaald om zich levensonderhoud te verschaffen

smakka a smack, a small ship

smaltiende kleine tiende, een belasting

smedegetouw smidswerk gereedschap

smedenambagt smederij

smelthuys huis met smeltoven

smeltus, smyltus a smelt (osmerus eperlanus)

smersnider spekverkoper

smette (in) besmet met een besmettelijke ziekte

smitten smederij, smidsoven

smouttappere oliehandelaar, meestal in spijsolie

smoutwerc met boter ingevet wol ‑weefsel

snacca, snecca a ship (esnecca)

snaphaen struikrover, ook; munt met een waarde van ca 5 stuivers

snaphaenen soort geweer

snedelinc kind geboren met een keizerssnede

snees oppervlakte maat, groot circa 2,5138 ca, in elk deel van het land anders van oppervlak. ook; 1 snees = 20 stuks eieren of vis

snidemaerte meisje belast met de kruidentuin

snoeisabel zeis

snoeizeis zie halve maan

snotveger barbier

snuijterbak en snuiter kaarsendover met houder

sober nuchter, zuinig, spaarzaam, schaars

soboles, zie suboles

sobrina nicht van moederszijde

sobrinus neef van moederszijde

sobrieteit nuchterheid, spaarzaamheid

soca the jurisdiction of a lord; the liberty of tenants excused from customary impositions

socagium socage; plough service, a tenure inferior to tenure by knight‑service

socca See soca

socenagium See socagium

socer schoonvader

socer magnus grootvader van de huwelijkspartner

socer major overgrootvader van de huwelijkspartner

socha See soca

sochemannus See socmannus

sochemanria tenure by socage

socht besmettelijke ziekte

societeit geselschap, maatschap, gemeenschap

socius associate, verbondene, partner (Apud Ioannem Variscum & socios = In the shop of Giovanni Varisco and his partners) (technische term boekdrukken)

sõckelmeister vermogenbeheerder, rentmeester

socmannus a socman or socager, a tenant by socage, or tenant in ancient demesne; a sokereve

socnum See soca

socrinus vrouwsbroeder, zwager, echtgenoot van zuster

socrus magna grootmoeder van de huwelijkspartner

socrus major overgrootmoeder van de huwelijkspartner

socrus, ‑us F schoonmoeder

sodalis kameraad, reisgezel

sodalitas verbroedering

sodes (si audes) als je wilt, alstublieft (Smetius)

sodomie ontucht, ook; zelfbevrediging,

soe hoe

soenboec boek waarin vermeld is de verzoeningen tussen twee partijen

soenbrief brief waarin overeenkomst is omschreven

soeur zuster, non

soeur consanguine halfzuster van vaderszijde

soevereiniteit exclusieve bevoegdheid tot uitoefening van publiekrechtelijk gezag

soffrancia See sufferentia

soglam een bij de koe nog drinkend kalf of lam bij een schaap

Sogniacum Soignies

soinus essoin

soir namiddag, avond

soirÚe zie soir

soka See soca

sokerevus a sokereve, rent collector for the lord of a soke

sokmannus See socmannus

sola a sole (solea vulgaris)

solaas troost

solageren vertroosten

solagium a due paid for use of soil

solanda a plough land (A.S. sulung.)

solarium an upper story or room

solda a piece of land See also selda

soldanus soldaat

soldanus huurling, soldaat

soldarius serving for pay; a soldier

soldata pay

soldenier zie soldanus

soldum pay

soldus a shilling; a sou

solebat hij placht

solecizare to speak bad grammar

solemne the mass

solemneel jaarlijks terugkerend, feestelijk, plechtig, plechtige

solemneele zie solemneel

solemnele enkelvoudig

solemnicatio marriage

solemnicatio, zie solemnisatie

solemnicatio huwelijksvoltrekking

solemnisatie trouwplechtigheid

solemnisatus (is) bevestigd, ingezegend

solemniseren vieren, feestvieren, hoogtijd houden, plechtigen

solemnitatio zie solemnisatie

solemnitatio plechtigheid, formaliteit

solemniteit hoogtijdviering, feest, plechtig

solemniter plechtig

solemniter plechtig

solemniteyten plechtige handelingen

solemnizatum ingezegend

solemnizatum ingezegend

solennis; sollennitas, ‑tatis F (ook ‑mn‑) plechtig(heid)

solennizare (ook ‑mn‑) inzegenen, (akte) opmaken

solere, solui plegen

solicessatio braakligging

solicessatio braakligging

solicitator a solicitor

solicitor procureur, zaakwaarnemen

solidair gezamenlijk, hoofdelijk

solidarius serving for pay; a soldier

solidata a shilling's worth; pay

solidatum property

solidatus See solidata

solide louter, hecht, hard, vast, lichamelijk

soliditeit degelijkheid als betaler, louterheid, dichtheid, vastigheid, lichamelijkheid

solidos suos, ad at his expense; in his pay

solidus (als deel van een pond:) schelling, (als deel van een gulden:) stuiver

solidus schelling, stuiver

solidus a shilling; a sou

solinga See sullinga

solinum a meal for one person

solinus a measure of land about 160 acres, a plough land (?)

solis dies zondag

solitair eenzaam

solitis proclamationibus na de gebruikelijke huwelijksafkondigingen

solitis proclamationibus na de gebruikelijke roepen

solitus gewoon

solium an upper room; a loft

solivagus girus the sun's orbit. In classical Latin, solivagus is derived from solus, and means wandering alone

sollemnia (missarum) de plechtigheid (van de mis)

sollers bekwaam

sollers bekwaam

sollers , ‑rtis bekwaam

sollicitatie beneerstiging?, verzoek

sollicitator verzorger van iemands belangen, van iemands rechtzaak bij de regering

solliciteren beneerstigen, verzoeken

solomniteit verhevenheid

solstitie zonnestand

solstitium zonnewende, 24 juni , zonnekeerpunt

solstitium hiemale winter zonnewende, 25 december

solta payment

solum alleen (lijd. voorw.)

solum alleen

solus alleen

solus; solum (adv.) alleen

soluta alleenstaande vrouw, ongehuwde vrouw

soluta unmarried woman, free, licentious

soluta ongehuwde vrouw, alleenstaande vrouw

solutie oplossing, lossing, betaling

solutus ongehuwde man, alleenstaande man

solutus unmarried man, free, licdentious

solutus alleenstaande man, ongehuwde man

solvent betaalbaar, instaat te betalen, geldig, rechtsgeldig

solvere betalen voldoen

solvere, solvi, solutum betalen

solveren oplossen, lossen, betalen, verklaren

solvit hij, zij, hebben betaald

solvit heeft betaald

solvyt zie solvit

somarius a sumpter horse, a pack horse

sombre beschaduwt, bedekt, treurig, akelig, droevig

somer inhoudsmaat voor graan, 1 somer = 1/3 malder, =2 vat

somerbaen weg die alleen in de zomer te gebruiken was, niet verharde aarden baan

sometarius the officer in the king's household who attended to carriage

somma lateris onder aan een bladzijde de optelling van alle bedragen

sommarie inhoud, kortbegrijp?

sommatie dagvaarding, gerechtelijke opeising

sommer zie somer

sommeren afeisen, afvorderen, uiteisen, opeisen, optellen

sommieren sommeren, eisen

somtues zie sumptueus

sonare to snore

sonder bespieringe onbelemmerd, zonder belemmering

sonder erlist zonder arglist, zonder kwade opzet

sonder oir zonder nageslacht

sonderen gronderen? (op de vaste grond zetten), onderzoeken, peilen, uithoren

sone zoon

sonium See essonium

sonne, bi der sonnen ute ende bi der sonnen in van zonsopgang tot zonsondergang

sonneabend oculi zondag voor oculi

sonnendaich zondag

sonnwende zonnewende, 24 juni

sont comparus zijn verschenen

soo wanneer

soo groot ende cleyn in afmeting als blijkt

soor uitgedroogd

sopa a shop (shopa)

sophist muggenzifter, wijsneus, betweter, haarklover, woord‑vitter

sophistiseren muggenziften, betweterig

sorceria sorcery, witchcraft

sornecca some kind of ship

sornus red

soror zuster

soror zus

soror sister

soror zuster

soror germana halfzuster

soror, ‑is zuster (ook non)

soror, ‑is zuster (ook non)

soror patris zuster van de vader

soror patruelis kind van een broer of zus

sororcula zustertje

sorores de zusters

sorores de zusters

sororis van de zuster

sororis van de zusters

sororius zwager, zustersman, zusterlijk

sororius zwager

sororius a brother‑in‑law; a sister's son

sororius brother‑in‑law (sister's husband)

sororpatris zuster van de vader

sororum van de zusters

sororum zie sororis

sors sort, kind; principal

sorteren uitzonderen

sorus red See saurus, sourus

soscallus some kind of hound used for stag hunting

sosius verbondene

sotillares, sotulares shoes

sotorius zwager

sotternie klucht, kort toneelspel met grappige inhoud, middeleeuws toneelspel

sottise dwaasheid, grofheid, zotheid

sottus a fool, a sot

soude zou

soude ghelieven zou willen

soulagement troost, verlichting, opluchting, verzachting

soulageren vertroosten

soumis onderdanig, gedwee

sourellus a sorel, a buck of three years old

sourus a sorel, a four‑year‑old buck

souteneren ondersteunen, staande houden

souterrain opperhoofd, opperste, oppermachtig

soutvaten zoutstrooier

souverainiteit oppermacht, opperhoofdigheid

sovagina See salvagina

soverein exclusieve bevoegdheid tot uitoefening van publiekrechtelijk gezag

spada a sword

spademakere gereedschapmaker, spadenmaker

spado a gelding

spaesvat wijwatervat

Span 23 centimeter. Later 2 decimeter. (lengte maat maten gewichten)

Spandanae Aquae / Fons Tungrorum Spa

spanninge dakspanten

sparge(e)ren verspreiden

sparro a spar, a stake

sparrus a hobbyhawk (falco subbuteo)

spartha an axe

sparverius a sparrow hawk (accipiter fringillarius)

spata a sword

spatie witte ruimte, lege plaats

spatieus ruim, wijt

spatularia apparels round the neck and wrists of an alb

specht Spaanse soldaat

speciaal zonderling, bijzonder

speciale procuratie zonderlinge last, met bijzondere opdracht

specialijck in het bijzonder

specialijk inzonderheid, bijzonderlijk

specialis, specialiter bijzonder, in het bijzonder

specialitas a bond or deed

specialiteit bijzonderheid

specialyck specialijck

speciarius specerijenhandelaar

speciarius a spicer; a druggist

specie gedaante, soort, bijzonder

specierente rente in natura

specieria spicery

species spices

species gedaante, soort, gemeen gedaante

specietarius See speciarius

specieus uitzonderlijk, zonderling schoonschijnend, bedrieglijk, misleidend

specificatie uitzondering, benoeming, uitdrukking, gedaangeving, rekenþeel, gesplitst

specifiÙren specificeren, sonderen, uitzonderen

spectacula spectacles

spectakel schouwspel, beschouwspel

spectare ad toebehoren aan

spectateur aanschouwer

spectatie opmerking, bespeuring, bespieding, beschouwing

specteren aanschouwen

specterende sijn betrekking hebbende op, daarbij behorend

speculatijf opmerkend, bespiegelend, met onzekere kans op winst

speculator spion, waker, opmerker, aanschouwer

speculeren bezinnen, bespeuren, bespieden, beseffen, beschouwen

speek spaak

speelwort uitdagende opmerking, scheldwoorden

spekkoper varkensslager

speleum a cell

spelleude muzikanten

spelonk aardkuil, grot

spelta spelt (triticum spelta)

spenderen bekostigen, verspillen, aan te kost hangen

spengabulum a duty on mill wheels

spera a sphere

spervarius a sparrow‑hawk

speten twee steken diep

spica korenaar

spica korenaar

spicarium graanzolder

spicarium graanzolder

spiciaria spicery

spicurnancia the office of spigurnel

spiegaten kijkgaten in gevelmuren

spigurnellus the sealer of the king's writs

spijnde voorraadkast voor etenswaren

spiker korenschuur

spilside de vrouwszijde; van moederszijde

spinacium a pinnace

spindelmagen bloedverwante uit de vrouwelijke lijn

spindula, spinula a gold pin used with the archiepiscopal pall

spint inhoudsmaat bij graan, 1 spint = 1/2 schepel = ca 7,2‑8,5 ltr ook; ca 5,4ltr.en 36,5 ltr.ook; oppervlakte maat, 1 spint = 1,7 are

Spint 10 vierkante roeden 1,7 are. (oppervlakte maat maten gewichten)

spira bissi a hatband

spirasmus a tag

spiritualia the profits which a bishop or other spiritual person recives as an ecclesiastic, not as a lord

spiritualis geestelijk

spiritualitas the clergy

spirituel geestelijk

spiritum Deo reddidit gaf zijn geest aan God terug

spiritum Deo reddivit gaf zijn/haar geest aan God terug

spiritum exhalavit blies de laatste adem uit

spiritum exhalavit blies de laatste adem uit

spiritus domini replevit Pinksteren

spiritus, ‑us (sanctus) (Heilige) Geest

spirula a ferrule; a chape; a gimlet

spitter platte schop om roggebrooddeeg los te steken

splenderen glinsteren

splendeur klaarheid, glans

splete deel van een leen d.i. uit een leen gespleten

splettst¯er dakplanken handelaar

spolia a shuttle; a spool

spoliatie beroving, plundering uitplundering, het ter kwader trouw ontrekken van goederen

spoliationes vernielingen, brandstichtingen, plunderingen

spoliationes vernielingen, brandstichtingen, plundering

spolie storing ?, roof

spoliÙren beroven, plunderen, storinge doen (verwarring)? ontroven

spon moedermelk, ook; tap, stop

sponda a bier; a pier; a partition

spondboor gatenboor

sponde bed, bedstedeplank

spongat gat in vat voor de spon (stop)

spons afk. sponsus, sponsalia, aanstaande bruid, verloofde

spons. sponsus, sponsalia

sponsa bruid, ook; verloofde

sponsa clandastina heimelijke huwelijks belofte

sponsa publica publieke verloving

sponsa, sponsus bruid(egom)

sponsalia verloving, trouwbeloften, ondertrouw, verlovingsfeest, huwelijksonderricht, bruidschat, huwelijksgift

sponsalia (contrahere) verloving, ondertrouw (trouwbelofte afleggen)

sponsalitium verloving, ook; huwelijk

sponsalitius de verloving betreffend



sponsalis, e van de verloving

sponsari huwen, met iemand trouwen

sponser doopgetuige, borg

sponser fidei peetoom. peet, peter

sponsi de bruid en bruidegom, het bruidspaar

sponsor borg, doopgetuige

sponsoris van de borg, van de doopgetuige

sponsus bruidegom, verloofde

sponton zie bartizaan

sporkel februari

sportularius mandenmaker, mandenvlechter, biezenvlechter

sportularius korven‑, mandenmaker

spoubecskijn spuwbakje

sprecterende behorende

sprenkvlees pekelvlees, gezouten vlees

springaldus a springald, a kind of cannon

sprottus a sprat (clupea sprattus)

spurarium aureum a gold coin called a spur royal, or spurrial, value 15s. in the reign of James I

spurgellum a box or trunk

spuria natural female child

spuria onwettige dochter, onecht kind

spuria, spurius onwettige dochter, zoon

spurius (vrw.‑a) bastaard, (onwettig) kind

spurius buitenechtelijk

spurius natural male child

spurius onwettig (kind), bastaard, onwettige zoon, onecht kind

spurkel zie sporkel ook; februari

sputo sanguinis door een bloedspuwing

sputo sanguinis door een bloedspuwing

squarrare to square

squelenarius a keeper of baskets

squillaria a scullery

squillarius a scullion

squinancia quinsy

squinatus a sequin or zechin, a Venetian gold coin

squirellum a squirrel

sr afk. Sieur, (de) heer

SRE sanctae Romanae Eccles(s)iae (kardinaalstitel) (Smetius)

ss afk. subscripsit, hij heeft dit ondertekend, was getekend

ss.s afk. susceptores, de doopgetuigen, de doopheffers

sst afk. subscripsit, heeft hieronder getekend

St Jan Evangelist 27 december

St Jan midzomer 24 juni

st. afk, sunt, heilig

st. sunt; sanctus

St. Jan mitsomer feestdag van St. Jan, 24 juni

StA afk.Staatsarchiv, rijksarchief in Duitsland

StaA afk. Stadtarchiv, stadsarchief

staak stam van een familie stamboom, de gezamenlijke afstammelingen van een gemeenschappelijk voorouder,.boom, als onderdeel in een erfafscheiding

staand horologie staande klok

staatboek legger waarin opgetekend alle bezittingen van een kerk

Staatsarchiv rijksarchief in Duitsland

stabellum a stool

stabilamentum, stabilia, stabilitio a buckstall, or deerhay, a stand for shooting deer

stablia a stall

stabula a stable

stabularis stalknecht

stabularius an ostler

stabulatum See stabilamentum

stabulum a stable

staca a stake; a measure of corn

stachia a stage for catching fish

stacnaria See stannaria

stadhouder plaatsvervanger van de vorst in het bestuur van het land, een provincie of een streek

stadium a furlong; a floor, a story

stadsrechten het recht van een stad om zijn eigen rechtspraak, rechters en (jaar)markten te hebben

Stadtarchiv stadsarchief

stadthelder zie stadhouder

stadtsmeijster stadsgeneesheer

staen tot slitinge van enen tot het gebied van een rechter behoren

staet van goed ambtelijke boedelbeschrijving

staetcamere pronkkamer

stafa a stirrup

staffeta See stoffeta

staffirmaler stukadoor

stagga a small quantity of hay or straw

staggus a swan, half grown (?)

stagia a stage; a story of a house

stagiarius a canon in residence

stagium a story of a house

stagmen tin

stagnaria a tin mine

stagnator a tin miner

stagnifusor tinnegieter

stagnifusor tinnegieter

stagnum a pond; tin

staka See staca

staket paal, staak

stalaria a fixed engine for catching fish

stalinga same as stalaria (?)

stalla a stall

stallagium stallage, the right of erecting a stall and payment for it

stallangiarius, stallangiator a seller of goods at a stall

stallare to put off; to give respite

stallarius a groom; master of the horse; a stallkeeper in a market



Deel met je vrienden:
1   ...   51   52   53   54   55   56   57   58   ...   148


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©tand.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina