Versie 2 februari 2017, 425. 909 woorden Versie maart 2016, 422. 200 woorden



Dovnload 20.67 Mb.
Pagina30/148
Datum07.11.2017
Grootte20.67 Mb.
1   ...   26   27   28   29   30   31   32   33   ...   148

gallo, gallona, galo, galona, galum a gallon

Gallo-Belgica ecclesia Waalse kerk (diss. Saskia) (Smetius)

Gallopia Gulpen

galoetsen zie galootsen

galootsen overschoenen van leer

Galopia Gulpen

Galoppe zie Gallopia

gama dame

gamarus a stickleback (gasterosteus trachurus)

gamberia armour for the legs. Fr. grevieres

gambeso, gambesum a gambeson or haqueton, a quilted jacket worn under the armour

gambria See gamberia

gamin zoontje, dochtertje

gamine zie gamin

ganagium See gagnagium

ganc de verplichting van de burgers om met de stadsbanier ten oorlog te trekken buiten de stad.

ganc(k) bospad

gancacht in goede staat

gancpad voetpad

gandavensis van Gent

Gandavum / Gantum Gent (B)

ganea a dart or arrow

ganea hoer

ganea meisje, snol

ganerben erven van ondeelbare bezittingen

ganerium gainery, profit arising from tillage

gangachtig officieel geldig, gangbaar

gangh zie ganc

gangredine consumptus verteerd door kanker

gangredine consumptus door kanker verteerd

gangredo, ‑dinis F kanker

Ganipa Gennep

Ganipa Gennep

gannatura yelping, derision

Gannita Gent (Gld NL)

gannocare cerevisiam to jockey beer

gansellium a gosling

ganser poellier

ganta, ganteletus a gauntlet

ganter veilingmeester

gantier handschoenenmaker

gantteken (onder)tekening, het (onder)tekenen

Gantum / Gandavum Gent (B)

ganzebord bordspel, uitvoering als nu nog gebruikt

ganzelinnen (tafel)linnen met ingeweven figuurtjes.

gaola a prison, a gaol

gaolagium prison dues

gaolarius a gaoler

gara terrae a gare or gore, a wedge‑shaped corner of a field left after ploughing a number of strips

garancia madder

garandisare to warrant

garantum warrant

garba a sheaf; a sheaf of arrows was 24

garbae schoven, graanschoven

garbana a granary

garbelagium garbelage, the office of a garbler; the refuse removed by garbling

garbeleuren uitpluizen

garbellare to garble, to pick out the refuse

garbellator a garbler, who visited shops, &c. to examine the purity of spices sold

garbule(e)ren uitzonderen, uitziften

garcifer kok, keukenjongen, koksjongen, stalknecht, kamerheer

garcifer kok

garcifer See garcio

garcifer, ‑i kok, keukenjongen

garcio a boy; a groom

garcio, ‑nis knecht

garciolus a diminutive of garcio

garda a ward of a town; wardship See warda

gardaroba, garderoba a wardrobe

garde roe, wachthuis, bewaking, bewaker

garde‑bras wapenuitrusting, metalen armplaat

garde civique burgerwacht

garde frontiÞre grenswachter

garde‑lÆeau uitroep bij het uit het raam gooien op de openbare weg van urine en (vuijlheit) huishoudelijk afval

gardel spijker, bevestigingsmiddel, in het bijzonder om natuursteen vast te zetten

gardelsteen natuursteen waarin de gardel met lood werd vast gezet

garderobarius a wardrobe‑keeper

gardesoldat soldaat van de wacht

gardia ward

gardiana the office of warden

gardianus a guardian; a warden

gardiare to guard, to protect

gardiator a guardian, a warden

gardinarius a gardener

gardinum a garden

gardropia a wardrobe

gardum a garth

garenna a warren See warenna

garenspanner wildstroper met netten en/of strikken

gargarare to brag

gargata the throat

garilatrix a scold

gariso protection; provision, living; healing

garita a watch tower

garite wachthuisje, wachttoren, wachthuisje op de stadsmuur

garlanda a chaplet; a garland, sometimes of gold or silver

garn afk. garnizoen

garnaedtman garnalenvisser

garnamentum a garment

garnestura victuals, &c., necessary for a garrison; a garrison

garniso protection; a garrison

garnizare to adorn; to garnish

garra See gara

garrettum a garret

garrigue kreupelhout

garrita a watchtower

garrolum, garrulium a barrier

garrot wurgpaal

gars zie gras

gars jeghens gars op gelijke voet staan, naar evenredigheid

garse zie gerse

garsoen schildknaap, page

garter botermaat

garterium a garter

garve schoof

garþon bediende, knecht, loopjongen,

garþon boucher slagersknecht

gastaldus a governor of a town or province

gastebot dagvaarding van een burger door een niet burger

gasteeren plunderen

gastella wastel bread, fine white bread

gasteren zie, gasteeren

gasthuysboef landloper

gastum waste

gata a bowl

gatgeria a parcel

gauda, gaudo woad

Gaudanum / Gouda / Golda / Tergum Gouda

gauderen verblijden,ook het genot of gebruik van iets hebben

gaudete (in domino semper) 3e advent

gaufrier wafelijzer

gaugeare to gauge

gaugetum gauging, a gauge

gaugiator a gauger

gaut zie goud

gave ende ongecancelleert ongeschonden en niet door geschrapt, doorhaling, of door insnijdingen ongeldig gemaakt

gavele belasting op diverse stoffen, b.v. zout

gaveletum gavelet, a writ of cessavit, used where gavelkind obtains

gavelmannus a tenant liable to tribute

gavelocus a javelin

gawech zie gaweg

gaweg voetpad, gaanweg, looppad

gayla a galley

gayole gevangenis

gayra See gara

gÆ institueerde erfgename ge‑, benoemde erfgenaam

Gd afk. huw. akte, grootouders bruid vermeld

geaccuseerd de van contumatie (verstek)beschuldigde

geaccuseerde (Lat. accusare) de van contumacie (verstek) beschuldigde

geaderd heraldiekteken, bladnerven zijn aangeven in andere kleur dan het blad

geadmitteerd toegelaten, officieel ingeschreven en toegelaten

geadmitteert toegelaten

geaffectioneert toe neigen

gealimenteert onderhouden

geallegeerd gewezen op

gealligeert aangevoerd

gealligierde degene die zich ergens op beroept

geannecteert aangehecht, bijgevoegd

geannodeerd van opmerkingen en verduidelijkingen voorzien

geannoteerd in beslag genomen

geappraehendeerde (Lat. appraehendere) in hechtenis genomene

geappraehendeerde in hechtenis genomen

geapprobeerdt vastgesteld

gearestierde bij wie beslag is gelegd, gearresteerde

gearresteert vastgesteld

geassumeerden aangenomen

geattaqueerd aangevallen

geavoueerd er mee ingestemd

geb afk. geboren

gebaard heraldiekteken, baard heeft andere kleur

gebaerresse moeder

gebalanceert tegen elkaar afgewogen

gebannen gedwongen te verblijven [?]

gebannen gebannen vierschaar: plechtig bijeengeroepen vierschaar

gebeneficeert voorgesteld voor de,

gebetert verbeterd

gebodegelt zie ghebodeghelt

geboerlic behoorlijk

geboren mombaer zie mombaer

gebot dagvaarding

gebotboeck register van de stedelijke verordeningen

gebrantmerckt gebrandmerkt

gebreckelicken gebrekkigen

gebruijckweringe in gebruik zijn/had (gepacht)

gebruusamheithet recht van gebruik, het genot hebben van iets

gebuerlic zie geboerlic

geburen geburen zijn deelnemers bij het aasdomrecht, zijn vergelijkbaar met de schepenen bij schepenrecht

geburt von oben her dopen

Geburt des Herre Geboorte van de Heer, Kerstmis, 25 december

geburten geboorten

geburus a villager, a peasant

gebuur inwoner in een plaats, meestal niet de buurman

gecanceleert geschrapt, doorgehaald, of door insnijdingen ongeldig gemaakt

gecedeerd overgedragen, overgedragen recht

gecedeert zie gecedeerd

geciteert gedagvaard, opgeroepen, ontboden

gecoft (jegen) gekocht (van)

gecollationeert vergeleken met het

gecommitteert met lastgeving afgevaardigd naar...., belast, benoemd

gecommuniceert ter kennis gebracht

gecompareert verschenen

gecompoteert dragen

gecondemneert veroordeeld

geconditioneert overeengekomen, bepaald

geconfineerde (Lat. confinere) degene die in hechtenis zit

geconsacreerde gewijde

geconsideert overwogen, overdacht, beschouwd

gecontumaceerde (Lat. contumacia) degene tegen wie de beschuldiging van verstek is toegewezen

gecopuleerd zie ghecopuleerd

gecoren gekozen

gecoren mombaer voogd ad hoc, gekozen door persona miserabilis (armlastig persoon)

gecreneleerd gekanteeld, heraldiekteken, kantelen

gedaagde de in rechte aangesprokene

gedagedachg dag van rechtzitting

gedebuseerd uit de beurs gehaald, betaald

gedeeld heraldiekteken, schild is loodrecht in twee gelijke vlakken verdeeld

gedelegeerden‑regter een aangewezen en aangestelde rechter

gedelibrereert beraadslaagt

gedilajeert uitstel, gezocht

gedinge rechtsgeding, de rechtszitting

gedisolveerde huisvrouw gescheiden huisvrouw van......

gedisponeert beschikt

gedragt samenstel van 4 molenwieken

gedreigementeerd gedreigd

gedreyght zie gedreigementeerd

gedril copulatie

gedwarsbalkt heraldiekteken, schildverdeling bestaat uit een even aantal dwarsbalken

gee oppervlaktemaat, 1 gee = 1/6 morgen

geeft ootmoediglijk te kennen begin van een verzoek boven aan een brief, rekest

geel heraldiekteken, kleur om goudkleur weer te geven in tekening

geelgieter geelkoper ‑, messing gieter

geen eenne niet dezelfde

geenumeriert opgenoemd

geerde oppervlakte maat, groot ca ?? ha

geers oppervlakte maat, groot ca 0,3017 ha, in elk deel van het land anders van oppervlak. De hoeveelheid grasland nodig om een koe te voeden

geexcedeert gegaen is...... is boven de raming

geexpedieert een (officiÙle) akte van opgemaakt

geexpireert vervallen de dato

geextendeerde sententie (Lat. extensa sententia) uitgebreid vonnis d.w.z. het vonnis met het libel (geschrift) van de eiser en het antwoord van de gedaagde

gefameert zie fameeren

gefankelick gebracht in de gevangenis gezet, ‑gebracht

gefundeert gesticht, op gerede gronden gebaseerd

gegademe kamer, vertrekook; kelder

gegagierde betaald door (bij betrekking )

gegaten gegeten

gegeerd heraldiekteken, verdeling van een schild in acht gelijke driehoeken

gegoed bemiddeld

gegoede stand zeer gegoed, de meer gegoeden, de 'bourgeoisie'

gegoet aangeslagen

gegyselt gegeseld

geheffet geheven

geheimschrijver ambtenaar belast met de geheime correspondentie

gehoert behoord

gehoochnisse herinnering

gehoond heraldiekteken, als een figuur een deel mist is het gehoond, bv leeuw zonder staart

gehout hebben het bewijs hebben, dat een rechtszaak door de bewijs‑eed beslist is

gehout voldoen het betalen der geÙischte som, in voldoening aan de afgelegde bewijs‑eed

gehowen gehouden, verplicht

gehucht dorpje, enkele huizen bijeen

gehuechnisse). zie gehoochnisse

gehuisschen zie gehuysschen

gehuysschen echtgenoten

geijzert geharnast

geimpertreert aangenomen

geinquireert opgevraagd

geinterineert gestandet

geiseler veehandelaar

geisttag Pinksteren

geitsvoet koevoet, hef‑ / sloopwerktuig

gei¯eltrõger gerechtsdienaar, bode

gejustitueerde rechtmatige

gekhoemen gekomen

gekoeft hieft gekocht heeft

gekoft verkocht



gekrnte vier gekroonde vier, 8 november

gekuischt gewassen

Gel(d)ria Gelderland

gelab leuterpraat

gelachter gevonden als lengte‑ en ook als ruimte maat, afmeting niet bekend

gelasin zie glasijn

gelave ende swere beloof en zweer

gelbgie¯er messinggieter, kopergieter

geldabilis liable to pay tax

geldabulum land liable to payment of geldum

geldare to enforce or to pay a geldum

geldatio payment of a geldum

gelden betalen

gelder (de) de koper

geldum, geldus tax; compensation; fine

geleisten presteren, nakomen, voldoen

gelent schutting, hek.

geliede getuigde, verklaarde

gelijckhalf ieder de helft (krijgen , betalen)

gelima a sheaf

gelindt zie gelent

gelobbert geplast

geloeft beloofd (als een soort eed)

geloffum a gillyflower

gelogen gelegen

geloifde beloofde

gelooffwaerdige betrouwbare

geloofwaerdig kan men geloven wat hij zegt

gelove unde sweere beloofd en zweer

geloven beloven, verzekeren, garanderen

gelt contanten

gelte vloeistofmaat, 1 gelte = 1/48 aam

geltum See geldum

gelzer castreerder

Gem. afk.gemeinde, gemeente, meestal als kerkelijke groep

gemak een toilet, aan de buitenzijde van het huis

gemaket gesloten

gemakje zie stilletje

gemakkoffer zie stilletje

gemala a hinge

gemeene regierders de gezamenlijke bestuurders

gemeene stoelen gewone rechte eenvoudige keukenstoelen

gemein(t)e woche de gemene week, vanaf 29 september

gemeinde gemeente, meestal als kerkelijke groep

gemelde kinder wettige kinderen

gemellì vrouwelijke tweelingen

gemellae vrouwelijke tweelingen

gemelli mannelijke tweelingen

gemelli twin brothers

gemelli mannelijke tweeling

gemelli, gemellae tweelingen m, vr

gemelli, gemellae tweelingen, M & F

gemellus (vrw. ‑a) tweeling

gemellus a clasp with similar ends, or double brooch. O.E. gemewe

gemellus tweeling

gemellus/a twin brother, twin sister

gemelte gemelde

gemenckt in mindering gebracht, verminderd

gemenen scepen de gemeente raad

gemet oppervlaktemaat in Vlaanderen en Zeeland onderverdeeld in 3 lijnen of linen en vervolgens in 100 roeden. Ook; oppervlakte maat, 1 gemet is ca. 0,4 ha = 300 vierkante roeden of gelijk aan 1 engelse acre. de maat is plaatselijk zeer verschillend1 rijnlanse gemet 0.4258 ha,1 Blooise gemet 0.3924 ha ,1 Duivelandse gemet 0.4034 ha

Gemet 0,4591 ha (Voornse gemet) 0, 4258 ha (Rijnlands gemet). 0,4456 ha (gemiddeld 0,4500 ha). (oppervlakte maat maten gewichten)

geminì zie gemellì

geminae vrouwelijke tweelingen

gemine(e)ren verdubbelen

gemini mannelijke tweelingen

gemini tweeling

gemini, geminae tweelingen, M & F

gemini, geminae tweelingen m.,vr

geminus (vrw. ‑a) tweeling

geminus zie gemini

geminus/a twin

gemmagenum kachelsmid

gemmarius juwelier, steensnijder

gemmarius juwelier

gemmarius steensnijder, juwelier

gemmellus, zie gemellus

gemoede, (metà) goedschiks

gemotum an assembly

gemoveert teweeggebracht

gen afk.voor genatorus, ouders ook; afk.voor genus, geslacht

gen. genus

genacht(ing)e rechtszitting, rechtsdag

genar schoonzoon, ook neef of bloedverwant

gendre schoonzoon

genealis native

geneculum, zie geniculum

genedig genadig. In afkorting vaak g.h. genadige heer voor graaf of hertog

genedorteyckent ondertekend

genegotieerde capitaalen verhandeld kapitaal

gener schoonzoon

gener son‑in‑law, cousin

gener zie genar

gener, ‑i schoonzoon

generaal gemeen, algemeen

generaelijck over het geheel genomen

generale the commons of a monk

generali absolutione met algemene absolutie

generali absolutione met algemene absolutie

generalis, (bijwoord) generaliter algemeen, in het algemeen

generalis militiae praefectus generaal

generatie familie (in de ruimste zin), mensenleeftijd, generatie (tijdspanne van ca. 30‑35 jaar), geslacht

genereeren telen, voortbrengen

genereren zie genereeren

genereus grootmoedig, edelmoedig

generi van de schoonzoon

generi van de schoonzoon

generis van het geslacht

generis of the type, sex, etc.

generis van het geslacht

generis masculini, feminini van het mannelijk, vrouwelijk geslacht

generosa a gentlewoman

generosa weledelgeboren dame

generosa weledelgeboren dame

generosus weledelgeboren heer

generosus weledelgeboren

generosus a gentleman

generosus weledelgeboren, edelmoedig, uit een edel geslacht

geneta a genet, a beast of the weasel tribe, used for fur (genetta vulgaris)

genetores ouders

genetrix moeder, zij die baart

genetrix moeder, zij die baart

genge ende geve gangbaar

gengler venter

geniculum equal

geniculum knie, graad van verwantschap

genimen afstammeling, nakomeling

genimen an offshoot

genimen spruit, afstammeling, nakomeling

geniminis van de nakomeling

geniminis zie genimen

genitor verwekker, oorsprong, vader

genitor(es) vader, (ouders), verwekker

genitores parents (begetters)

genitores ouders

genitrix, zie genetrix

genitum verwekt, voortgebracht, geboren

genitum begotten, born

genitum verwekt, voortgebracht, geboren

genitura oorsprong, afkomst, nageslacht, nakomelingschap, geboorteuur

genitura nageslacht, geboorte ‑uur

genitus zie genitum

genitus (vrw. ‑a) verwekt, in 't leven geroepen, voortgebracht, telg, afstammeling, zoon, dochter

genninis van de twijg; afstammeling

genoboda a moustache

genoderteyckent ondertekend

genoech zie; eene genoech

genoeghzaem nootlijk meer dan noodzakelijk

genootdrongen genoodzaakt

gens familie (van manswege), geslacht, stam, volk

gens male line, clan

gens often used for an army

gens gender

gens familie (van mans wegen), geslacht, stam

gens, gentis F familie, volk

gentil edel

gentiles verwanten, heidenen

gentiles verwanten

gentilhomme edelman

gentilhommiÞre adellijk landgoed, kasteeltje

gentilitas verwantschap

gentilitas verwantschap

gentilitius (vrw. ‑a) tot het geslacht (familie) behorend

gentilitius tot het geslacht (de familie) behorend

gentis van het geslacht

genui ik heb verwekt, in 't leven geroepen, gebaard

genus, generis geslacht (sekse/familie), stam, soort

genus type, kind, birth, descent, sex, origin, class, race

genuscissio hocking or hambling dogs by cutting the sinew of the hind leg

geobserveert gehoorzaamd

geola, &c See gaola, &c

geordinneert opgedragen

geordoneert bevolen

geordoneert sall worden opdracht zal krijgen

gepasseert overgedragen

geperpetreert bedreven

gepossideert verkrijgen, verkregen

geprìsteert uitgebracht

gepredomineerd overheerst

geprocreÙert verwekt

geprocureert voortgebracht

geproeven. bewijzen.

gequalificeerde notabele

gequel lijden

gequets gewond, verwond

geraffineert afgevaardigd

gerarchia used for hierarchia

geraria kindermeisje

gerca, gercia, gercis a ewe lamb

gerecht siin in recht op een deel van iets hebben

gerechticheden recht op hebbende

gerechtigheeden waar men recht op heeft

gerechtsgenoten schepenen

gerechtslieden bijzitters van de rechter

gerechtsman bijzitter bij een rechter

gerechtsweers volle neven van elkaar

gerefereerd verwezen

geremarqueert opgemerkt

gerentarius an officer in a convent, probably a friary, who was not compelled to reside therein (granatarius?)

gerequireerde verweerder, tegen de welke enig verzoek gedaan werd

gerequireert verzocht

gereynnicht gereinigd

gerfkamer sacristie, kamer waar de priester zich kleed voor de kerkdienst

gericht berecht

gerichtelicken commer gerechtelijke beslaglegging

gerichtlick avergegeven gerechtelijk overgegeven

geridons ronde tafels, vaak met zilverrand en inlegwerk

gerigte gericht, wettelijk vereiste bijeenkomst

geringd heraldiekteken, voorzien van een ring

gerlanda a garland

germ afk. germinal, maand van de kieming

germana sister , also female cousin of brother or sister

germana zuster

germana volle eigen zus; lijfelijk, eigen

germana zuster, volle eigen zus

Germania Duitsland

Germanie Duitsland

germanus broeder

germanus volle eigen broer; lijfelijk, eigen

germanus broeder, volle eigen broer

germanus brother or nephew

germen twijg, knop, spruit, afstammeling, nakomeling

germen afstammeling, nakomeling

germinal maart

germinus afstammeling, nakomeling

gernarium a granary

geroct een onderkleed aanhebben

gerridons zie geridons

gersa starch

gerse landmaat, 1 garse = ca 200‑250 roeden, verschilt van plaats

gersen laten grazen van een koe

gersuma a fine; a reward; an earnest. O.E. "gryssume."

Gertrudis 17 maart

Gertrudis: Sanctae Gertrudis Mons Geertruidenberg

gerulus bode, drager

gerulus drager, bode

gerulus a packhorse

gerusa a goad

gerwen sacristie, kamer waar de priester zich kleed voor de kerkdienst

gerwer leerlooier

gesa a gisarme See gisarma

gesamender hant (mit.) gezamenlijk.

gesand die voor iemand, iets uit te voeren aangesteld is, hof afgezand, zaakvoerder

gesate onroerend goed, waarop men woont; het erf, behorende bij een woonhuis

gesceden gescheiden

gesceiten scheidsrechtelijke uitspraak

geschlecht het totaal van een gelijknamige familie uit ÚÚn stam, die zich in de loop van de tijd verspreid hebben over heel de wereld

geschlechter patriciÙr familie

geschwei schoonmoeder, schoonzuster, verwanten in het algemeen

geschyckt gestuurd

geschyen geschied

gesech gesprek

geseet harnas, gewaad

gesekert verloofd, ondertrouwd

gesett gesteld

gesette mombaer voogd door de vader, het gerecht of magistraat aangesteld.

gesibbe verwant

gesibschap zie gesibbe

geslacht zie geschlecht

gesmure gepeupel

gesn(euv) afk. gesneuveld

gesoch moedermelk

gesolempnizeert gesloten. bv bij huwelijk

gesontbrief verklaring van onbesmet zijn (van het vee)

gespens spokerij

gespu gespuis

gespuis gedierte

gesta (pl.) deeds; a history

gesta, gestum yeast; food

gestaden toestaan

gestaetheyt staat, stand, vermogen, gegoedheid

gestate woonplaats, woning waarin men woont

geste manier van roeren

gestede rechtsgeldig, standhoudend

gesteecken gestoken

gesteert metselsteen zodanig aangebracht dat hij uit zich zelf niet afvalt

gestelde mombaer zie gesette mombaer

gestelt aangeslagen in een omslag, belasting

gesten geschiedenissen, daden

gestick genaaid

gestipuleerd overeengekomen, vastgelegd

gestoelen gestolen

gestop omheining

gestrum a jesterne or jestorne, a sleeveless jacket of scale armour

gesufoceerd gestikt

gesult zoutig, bedoeld wordt zout van tranen

gesuspendeert voorlopig de toegang ontzegd

geswaeren gezworenen, hulp van de officieel benoemde

geswige schoonzuster

geteykende met een kenmerk



Deel met je vrienden:
1   ...   26   27   28   29   30   31   32   33   ...   148


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©tand.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina