Versie 2 februari 2017, 425. 909 woorden Versie maart 2016, 422. 200 woorden



Dovnload 20.67 Mb.
Pagina23/148
Datum07.11.2017
Grootte20.67 Mb.
1   ...   19   20   21   22   23   24   25   26   ...   148

decanus deken

decanus deken

decarchus korporaal

decarnellatus having the crenellation destroyed

decasus decay

decaudare to dock the tail

decedere vertrekken, sterven

decedere, decessi, decessum III vertrekken, sterven

decem tien

decem tien

decem tien

december, zie decembris

December, Decembris december, van december

decembre zie decembris

decembris december = 10e maand van het romeinse jaar, (dat begon op 1 maart), vaak aangeduid met een ô X ô, zie ook ber

decembris december

decempedator (iuratus) (gezworen)landmeter

decempedator (juratus) (gezworen) landmeter

decemvir, ‑i lid van een college van tien raadsheren

decena See decania

decendium a period of ten days

decenna a tithing

decennaria the jurisdiction of a tithing‑man

decennarius a tithing‑man, a dozenner

decennis tiener, tienjarige

decennis tienjarig

decennis tienjarig

decennium tijdvak van tien jaar

decerneren onderscheiden, bestemmen, verlenen

decessi zie decedere

decessit he/she died

decessit sine prole died without issue, childless

decessit vitae patre (d.v.p.) died in father's lifetime

decessum zie decedere

decessus death

dechardeeren ontlasten

decibat(ut) zoals hij zei

decideren vellen, beslechten, vonnissen, een geschil uitpraten

decideren (

decifreren afschilderen, betekenen

decima tiende, tiende gedeelte van de oogst (of geboren vee) dat men aan de eigenaar van de grond moest afstaan

decima tiende (kerkelijke belasting)

decima bladi grote of grove tiende (geheven op de veldgewassen), graantiende

decima de nutrimentis animalium landtiende, weilandtiende, krijtende tiende (geheven op het jonge vee)

decima feni belasting op het hooi (tiende)

decima gelimae stro‑tiende

decima novalis tiende op onontgonnen land

decima predialis, zie decima de nutrimentis animalium

decima torbonum turftiende

decima veteres oude tienden belasting op land dat al ontgonnen was

decimabilis titheable

decimae tithes

decimae novales nieuwe tienden (geheven op land dat nog nooit ontgonnen is)

decimae veteres oude tienden (geheven op land dat al ontgonnen is)

decimare to tithe

decimatio tithes; paying a tenth part

decimator tiendeheffer

decimator tiendenheffer

decimo op de 10e , tiende

decimonono negentiende

decimoquarto veertiende

decimotertio dertiende

decimus tiende

decimus primus eleventh

decipiÙren bedriegen, uitstrijken

decipula a trap, a snare

decisereeren afschilderen, betekenen

decisie einde van een geschil, vonnis, gewezen vonnis

decius a die

decivator bedienaar, kapelaan, rector

decken, deken hoofd van een kapittel

deckstocken takken aan de buitenzijde van een gebundelde bos hout

decla afk. dÚclaration, verklaring, betuiging, aangifte, opgave,

declarans (declaravit) se scribere non posse verklaarde(n) niet te kunnen schrijven

declarans se scribere non posse verklarende niet te kunnen schrijven

declarant (

declarare verklaren

declaratie verklaring, aanwijzing

declaratie debatteeren een rekening tegenspreken

declaratie van kosten (

declaratio nullitatis matrimonii nietigverklaring van het huwelijk

declaratus verklaard hebbende

declaravit se scribere non posse hij/zij verklaarde niet te kunnen schrijven

declareeren zie declarare

declareren zie declarare

declinatie buiging, afwijking

declinatoire exceptie hulpmiddel om van de rechter af te gaan, afwijking, afwijzende verwering

decline(e)ren afwijken, afgaan, van de rechter daar men voor betrokken is afwijken, iemands aanzien verkleinen, van de hand wijzenook; weigeren

decnagel daknagel

decollare onthoofden

decollare onthoofden

decollatio (johannes) onthoofding van johannis, 29 augustus

decollatus beheaded

decollatus onthoofd

decollatus onthoofd

decolpare to cut down

decostare, decosticere to cost

decreet besluit, overheidsbevel

decreet van apprehensie besluit van de rechter om iemand in hechtenis te nemen

decreetbrief schrijven waarin de besluiten zijn opgenomen

decretales decretals, papal letters containing decrees, or on matters in which the popes were consulted

decrete zie decreet

decreteren besluiten, bevestigen

decretieren voorschrijven, bevelen

decretista a person learned in the Decretals

decretum beslissing

decretum beslissing

decretum a decree, especially of the pope

decrustare to strip off

decuisius de overledene, de erflater

deculciare het schoeisel uitdoen

decuria a tithing

decuriare to bring into order; to try (?)

decurio a rural dean; a tithing‑man

decurio maior sergeant majoor, opperwachtmeester

decurio militum onderofficier, korporaal

decus sieraad (Smetius)

dede afk. dedite, afkoopsom, herroeping, intrekking

dedi ik heb gegeven

dedi ik heb gegeven, geven

dedi, zie dare ik heb gegeven

dedicatie toe‑eigening, opdracht, opoffering

dedicatio (in)wijding van kerk, viering

dedicatio kerkwijding, kermis

dediceeren toe‑eigenen, toewijzen

dediceren opdragen

dedilectio loss of affection

dedit ik heb gegeven

deducent (

deduceren verhalen, verklaren

deduceren beleden

deduceren (

deducieren afleiden

deductie (

deductie verhaal, beleiding ?, bericht, afgeleide waarheid, uiteenzetting

deductus game; hunt

deeg voordeel van hebben, mengsel van meel en water/melk

deel dorsvloer, plank, gedeelte van boerderij, een aantal in boekvorm gebonden bladeren of katernen

deelaghtigh (aan) deel genomen

deelboeck register waarin de verdeling van de erfenis werd opgetekend

deelbrieve boedellijst, van de goederen in een sterfhuis

deeldach dag waarop de verdeling van de erfenis plaats vind

deelder zie deeler

deeler erfgenaam

deelgelt beloning voor het regelen van de erfenis

deelloos uitgesloten als erfgenaam

deelman rechter of scheidsman in zaken over boedelscheidingen

deelrolle staat (lijst) van de goederen in een sterfhuis

deelsamheit onderworpen aan de verdeling tussen de erfgenamen

deelvoochdij tijdelijk voogdijschap bij een sterfgeval tot de voogden zijn aangewezen

deen lompe kerel

deer leed, ongemak, hinder

deern jong meisje

deesse afwezig zijn, missen

deesse, defui afwezig zijn, missen

defalcare to weaken; to deduct

defaljant die in gebreke blijft te komen

defaljeren missen, in gebreke blijven, bankroet spelen

defalkieren afkorten

defalqueeren zie defalqueren

defalqueren afslag strekken, wegnemen, afsnijden

defalt gebrek, verstek

defalta default; negligence

default gebrek, als men in rechten ten bescheiden (ontbieden) dage niet en komt

defeasancia defeasance, a condition relating to a deed on the performance of which the deed is void

defect gebrekkig. niet functionerend

defect, bijà bij ontbreken

defecto virium in gebreke van krachten

defectu (o) virium in gebreke van krachten

defemetorum overlijdensregister

defendeeren zie defenderen

defendere to prohibit; to refuse

defenderen beschermen, beschudden, verwerren (verwarren), bepleiten

defensa a fenced park, an enclosure

defensabilis easily defended

defensare to defend

defensie verdediging

defensijf weerbaar

defensio a prohibition

defensiva fortification

defenso, in in defence; of ground, enclosed for a time

defensor verdediger

defensum an enclosure; a prohibition

defensus custody

defere, brengen

defereren aanbrengen, overgeven, opdragen, verklikken

deferrare to unshoe a horse

deferre, detuli, delatum brengen

defesancia See defeasancia

defetus exhausted (effetus)

deff afk. deffunt, overleden, gestorven, wijlen, zaligerook; afk. dÚffendeur,

deficiÙren ontbreken, missen

defigurare to disguise

definitieve sententie (

definitijf‑vonnisse eindvonnissen

definitiva (sententia) eindvonnis

definitiva (sententia) eindvonnis

definitivus definitief, eind ‑....

definitivus definitief, eind‑

deflorare to pick flowers

deflorata ontmaagd, schoffering

defloratie schoffiering, ontering, violatie, verkrachting

defloreren schofferen, schenden, onteren

deforciamentum deforcement, illegal occupation of property

deforciare to deforce

deforciatio holding goods in satisfaction for debt

deforciator a deforcer

deforestare See deafforestare

deforis outside

deformeren lelijk maken

defraudatie verkorting

defrauderen bedriegen, verkorten

defroyeren kostvrij houden

defunct(i)(us) overleden

defuncta overledene

defuncti overledenen

defunctorum van de overledenen

defunctorum overlijdensregister

defunctus (vrw. ‑a) gestorven, overleden, uitgestorven

defunctus overledenen

defunctus overleden

defunctus/a overleden M/F

defunctus/a/um dead

defunctus sum zie defungi

defungi overlijden

defungi, defunctus sum III overlijden

defustare to beat, to cudgel

degelare to thaw

degenere(e)ren ontaarden, uit den aart slaan, de goede eigenschappen verliezen, zijn geslacht niet volgen

degistatus without joists

deglubitor vilder

deglubitor vilder

deglubitor vilder

degoute walging

degouteren walgen, onsmakelijk maken

degraderen afzetten, vernederen

degradus stairs

deguiseren vermommen

deguttare to drop on; to pour over

dei van god

dei gratia door de gratie gods

dei zie: deus van God

Dei gratia door de gratie Gods

deia a dairyman, or maid

deimat zie deimt

deimericius See damerettus

deimpt zie deimt

deimt oppervlaktemaat, 1 deimt is de oppervlakte welke men kon maaien in een dag, gevonden diverse maten tot 400 vierkante roeden ook; gevonden 0,4‑0,8 ha

dein damhert

deinde vervolgens

deinde opvolgend, daarna

deinde vervolgens, opvolgend, daarna

deinde afterwards, further, next

deis, deisium a dais See dagus

deiwerca a day‑work, or four perches

deken hooft van het kapittel, geestelijk ambtook; oudste lid van een gilde, hoogste in rang in een gilde

dekenier overste over tien man

dekernellatus having the crenellation destroyed

dekker lei ‑, riet ‑, pannendekker

del laagte

delabeeren zakken, dalen, afzwaaien

delaj uitstel

delatie overdracht

delatio juramenti deling van eed

delatum brengen

delatura an accusation

delatus van deferre gebracht

delatus van deferre gebracht

delectatie behagen, genoegdoening, verlustiging, vermaak

delecteren verlustigen, vermaken, behagen

delegatie afvaardiging, bevelen, overzetting, overdracht

delegeren besenden, bevelen, uitkiezen

delia some metal found in Derbyshire

deliberare overleggen; (af)leveren

deliberatie beraadslaging, bezinning, opzet

deliberato met opzet

delibere(e)ren beraden, beraadslaging, bezinnen, overwegen, bedenken, overleg

deliberen krenken



delicaat lekker, teer, zacht, delicaet

delicius "a cokeney."



delictum delict, misdaad

delineator tekenaar



delinieren afpalen, afmeten, aftekenen

delinquant dader, misdoener, misdadig

delinque(e)ren misdoen, verbeuren

deliratie raaskalen, onzin uitkramen

delire(e)ren revelen (onbeduidende praat uitslaan), raaskallen, zinneloos zijn, leuteren

delirium waanzinnigheid

delivre(e)ren bevrijden

delle dal, laagte

delling vallei, dal, kuil

deloge(e)ren verhuizen, verplaatsen

delphi Delft

Delphi(Batavorum) / Delph(i)um Delft

delphium zie delphi

deluw doods, loodkleurig

deman afk. demandee, vraag verzoek, eis wens

demanda a demand

demandare to demand; to cite

demanderen bevelen, belasten

demanium, demenium See dominium

demembrare to dismember

demen duister worden, avondschemering

demi frere halfbroer, stiefbroer

demi soeur halfzus(ter), stiefzus(ter)

demigr(e)eren verhuizen

demigratie zie demigr(e)eren

demigravit overleden; verhuisd

demissie vernedering, afzetting

demission de biens afstand van goederen aan de vermoedelijke erfgenamen mits zekere verplichtingen en voorwaarden

demiteeren afzenden, afzetten, afdanken

demitterent af zenden

demolieren (

demonstratie vertoog (verhandeling), aanwijzing, na noeming ?, betoog

demonstreren betonen, aanwijzen

demorare to govern

demorari to demur

demoveeren verplaatsen

demping ombrengen

demullare to dread

den afk. denier, zilverling, 1/12 sou, penning, duit

den hoop bij elkaar



den penning XVI op elke 16 penningen een penning = 6,25%

den sonnenopganck het oosten, waar de zon opgaat. als plaatsbepaling gebruikt

dena a glen; a coppice

denariata, denariatus a pennyworth

denariata terrae land worth a penny per annum, varying from one perch to one acre

denariis, in in coin

denaris betaalmiddel, 12 denaris =1 schelling

denarius penning, Romeinse zilvermunt

denatus gestorven

denbera a pasture for pigs (swinecombe)

denegatie ontzegging

denege(e)ren ontzeggen, afzeggen

denerata a pennyworth

dengler magere hein, man met de zeis

denier betaalmiddel 1 denier = 3 miten. de dinier was de voorloper van de penning, denarius

denizatus a denizen

denna See dena

denominatie voorstelling, roeping

denomineren voorstellen, stellen, beroepen

denot(e)eren beduiden, betekenen

densescere to grow thick

dentes gratings

dentrix a pike (esox lucius)

denumeratie aftelling

denumere(e)ren afrekenen, aftellen

denunciatie aanzegging, publication of the marriage banns, (huwelijks)afkondiging

denuncieeren aanzeggen

denuntiare (de huwelijksgeboden) afkondigen

deo juvente met gods hulp

deo optimo maximo aan de heerlijkste opperste god (vaak op grafzerken vermeld)

deo optimo spiritum dedit gaf aan god de allerhoogste zijn geest

deo zie: deus God (dat./abl.)

Deo juvente met Gods hulp

Deo optimo maximo aan de heerlijkste opperste God (op grafzerken)

Deo optimo spiritum dedit hij gaf aan God, de Allerhoogste, zijn geest

deobligatio a release

deodanda, deodandum an animal or thing forfeited for having caused a person's death

deosculatorium a tablet handed round to be kissed at mass, a pax

departura a departure

depecheren afvaardigen

depeches afvaardigingen, berichten

dependeert afhangt

dependentie het gene ergens aan, of toe behoord, afhankelijkheid

dependeren aanhangen, ergens toebehoren, afhangen

depersonare to insult; to degrade

depictare to paint an image of

depingeeren afschilderen

deplor(e)eren beschrijen, bewenen

deploratie zie deploreren

depofanten getuigen

depofeeren zie depofanten

depofietie zie depofanten

depofito uitgezet op geld winst

depofitum bewaargeving, waarneming

depone(e)ren ter hand stellen, neerleggen, in bewaring geven; ook; getuigen in rechten, verklaren,

deponent (

deponent hij die verklaart , getuigt, getuige

deporte(ee)ren afzetten

deportement afzetting

deposant hij die verklaart

deposanten getuigen

deposeren getuigen, in depot zetten, betuigen

deposifideeren iemand uit zijn goed zetten



depositie (

depositie verklaring, getuigenverklaring, betuiging

depositio the death of a saint, not a martyr

depost naschrift, latere opmerking

depraveren kwaad maken, verergeren

depreculae beads

deprehende(e)ren vatten, grijpen, gewaar worden

depresfie verdrukking

deprimeren neerslachtig maken

deputeren iemand officieel aanstellen, afzenden, afvaardigen

derationare See disrationare

derdalve, derdalf twee en een half

derde gebod 3e afroep in de kerk voorafgaand aan huwelijk, in kerkboek soms aangegeven met 3 streepjes ( iii )

derdehalfe anderhalf, een heel en een half, ook; gezien met verklaring twee en een half

derelicta weduwe

derisie spot, gek

derivatie afkomstig, afleiding

derive(e)ren omlaag vloeien

dermgarde zie darmgarde

derobare to rob, to plunder

derogare afbreuk doen, inbreuk maken, afwijken van de wet

derogeren afbreuk doen, inbreuk maken, afwijken van de wetook; afbreken, te niet doen, ontrekken

dersch dorsvloer, dorsdeel

derschen dorsenook; slaan, kloppen

derscherie dorsvloer

dersten zie dersch

dertienavont de avond voor driekoningen

dertiendach Drie‑Koningen, de dertiende dag na Kerstmis



dertiendag 6 januari (in Duits: zwölfter tag)

des fiez a lsage de france leenrecht van de streek rondom parijs

desadvoyeren afstemmen, van geen waarde houden

desamparare to yield, to release

desbandeeren ontslaan, loslaten

desc afk. descendance, nakomelingschap, nakomelingen, nageslacht

descendens nederdalend, afstammeling, nakomeling

descendenten afstammelingen, kinderen, kleinkinderen etc., nakomelingen

descendere neerdalen, afstammen, overlijden

descenderen nederdalen

descendi ik ben afgedaald, ik stam af van

descensum neergedaald, afkomstig van, overleden

describeren beschrijven, herbeschrijven

descriptio beschrijving

descus a dais

desere(e)ren verlaten

desert verklaren van een appel (

deservitor, ‑is bedienaar van de parochie, waarnemend pastoor, koster

desherence bij ontstentenis van wettige erfgenamen vervalt de erfenis aan de staat

desicut as

desidere(e)ren vereiste, begeren

designare aanwijzen

designatie beduiding, toewijzing

designeren betekenen, beduiden, aanwijzen

desistere afzien

desisteren afstand doen, ophouden, aflaten, afhouden

desolaet mistroostig, verlaten, troosteloos, verwoest

desoleren bederven

desordre wanschik, wanstal

despensier schafmeester ( bestuurder)

desperaat zonder hoop, twijfelmoedig

desperatie wanhoop, twijfelmoedigheid

despereren wanhopen, twijfelen

despiciÙren afzien, versmaden, verachten, afkeuren

despitus a contemptible person

despondieren zich verloven

desponsalia a betrothal

desponsare verloven, uithuwen

desponsatio verloving

desponsatus (vrw. ‑a) verloofd

dess afk. dessus, bovenkant, bovenste deel

dessein oogmerk, doel, plan, opzet, voornemen

desselven van deze (persoon)

dessin ontwerp, tekening

desspect wanstal, wanschik

destinatie schikking, bestelling, bestemming

destineren toeschieten, bestellen

destitueren verlaten

destitutio deprival (of an office)

destitutus (sensibus) van zijn zinnen beroofd

destitutus (sensibus) (van zijn zinnen) beroofd

destitutus sensibus van zijn zinnen beroofd

destituÙren ontzetten, verlaten, verstellen, versteken

destourneeren afwenden

destrarius See dextrarius



destrueren verdelgen, vernielen, verwoesten

desubitare to attack suddenly

desultorius onsamenhangend, oppervlakkig, vluchtig, ter loops gemaakt, van de hak op de tak springend (Smetius)

desunt zijn afwezig

desunt cetera de rest ontbreekt

desunt van deesse zijn afwezig

deszendent nazaat, opvolger

deszent(‑orium) nazaatvolgorde

detachiare to seize goods by attachment

detentio hechtenis; houderschap

deteriare for deteriorare

deterioreren erger maken,, verslimmen, verergeren

deterioriatie verergering, bederf, verval

determineren afpalen, besluiten

deterreren vervaart maken, afschrikken, opsporen

detestabile walgelijk, lelijk

detestatie afschrik, verfoeiing, afwering

detesteren afweren, afgruwen, verafschuwen

detesticulare to castrate

detineren ophouden, vasthouden, gevangen houden

detius a die

detorqueren verdraaien, anderszins voorstellen

detractari to be torn in pieces by horses

detractie aftrekking, erfkortingook; achterklap

detractie trebellianicae erfkorting van het vierde gedeelte van een overhandigde erfenis

detrahe(e)ren zie detraheren

detriment schade

dette ou crÚance inschuld, ereschuld

detuli brengen, ik heb gebracht

detuli van deferre ik heb gebracht

detunicare to discover

deu, dei gods

deurcleet gordijn als afscheiding

deurgepasseer voorbijgekomen ( zonder te stoppen)

deus, dei God

deus in adjutorium 11e zondag na drievuldigheid

deus in loco sancto 10e zondag na drievuldigheid

Deus God


deuske gewicht, 1deuske = 2aas = 0,096gr.

deuvik sluitpin van een vat

devadiatus without sureties

devadimonizare to redeem from pledge

devaliseeren afstropen, te niet maken

devastatie verwoesting

devent afk. deventer

deverium duty

devestire to give up possession

devies wapenspreuk

devillare to leave town

devisamentum a devise; a device

devisare to devise; to bequeath

devisatio, devisum a devise

devise heraldiekteken, hoofdbalk,

devoir plicht, uiterste best, vlijt, naarstigheid

devoir gedaan de taak op zich genomen

devoleren toevallen

devolutie afgang, vermindering, verloop

devolve(e)ren afkomen, afwentelen, afrollen

devoot aandachtig

devota virgo (aan God gewijde maagd,) non

devotie aandachtigheid

devotus vroom

devotus toegewijd, vroom

devotus toegewijd, vroom



Deel met je vrienden:
1   ...   19   20   21   22   23   24   25   26   ...   148


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©tand.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina