Versie 2 februari 2017, 425. 909 woorden Versie maart 2016, 422. 200 woorden



Dovnload 20.67 Mb.
Pagina12/148
Datum07.11.2017
Grootte20.67 Mb.
1   ...   8   9   10   11   12   13   14   15   ...   148

aucellator valkennier

aucellator vogelaar, vogelvanger, valkenier

aucellator, ‑is valkenier

aucellatoris zie valkennier

aucipiter a falcon

aucte afk. autorite, gezag autoriteit, macht

auctenticare to declare authentic

auctionarius, auctionator a retailer; a broker

auctionator handelaar, veiler

auctionator, ‑is handelaar, veiler

auctor delicti hij die de misdaad begaan heeft

auctor delicti bedrijver van een misdaad

auctor delicti de bedrijver van een misdaad

auctor gentis stamvader van een familie

auctor gentis stamvader van een familie

auctor, ‑is degene die iets heeft veroorzaakt, rechtsvoorganger

auctor(‑is) diegene die iets heeft veroorzaakt, rechtsvoorganger

auctoris zie auctor

auctoriseren machtigen, erkennen

aucubaculare to catch birds after dark, to batfowl

aucula a gosling

aucuntacio used for augmentatio

aucupia game

aud afk. audit, accountantsonderzoek, revisor

audience (rechts)zitting

auditie aanhoren, controleren

auditor a catechumen; an examiner of accounts

auditor, ‑is toehoorder, scholier, student

audivit Dominus vrijdag en zaterdag na Aswoensdag

auermacher uurwerkmaker

aues afk. autres, ander

auffahrt hemelvaart

aufgebote huwelijksaankondiging, ondertrouw

aufugeren ontvlieden, doorgaan, weglopen

aufwatter kelner, opdiener

auge trog, voe(de)rbak, drinkbak

augea a cistern

augmenteren vermeerderen

augst augustus

augusta trevirorum trier

Augusta Trevirorum Trier

augusti van augustus

augustijn lengtemaat, 1 augustijn = ca 4,5 mm

augustin kloosterling van de orde der Augustijnen, Augustijn, Augustines

augustine augustines

augustus augustus, 8e maand

auj(f)ugere vluchten

aujour d' hui vandaag, heden, nu, heden ten dage

aula hof


aula a court baron; the nave of a church

aulacum tapijt

aulaeorum opifex tapijtwerker

auleum a hanging, tapestry

aulicus van het hof, hoveling

aulmousnir iemand die aalmoezen geeft of verdeeld.

aum¶ne aalmoes, milde gave

aum¶niÞre gordelbeursje

aunciatus antiquated

auncinium an afternoon meal

auracio gilding

aurare to gild

aurelia OrlÚans (fr)

Aurelia(e) (te) OrlÚans

aureliae te OrlÚans (fr)

aureolus a golden oriole (oriolus galbula), or goldfinch (fringilla carduelis)

auricalcum latten

auriculare a cushion; a defence for the ears of a horse

auricularis digitus the little finger

auricularius a secretary



aurifaber juwelier, goudsmid, zilversmid, aurifex

aurificium goldsmith's work

aurifilum gold thread

aurifodinarius goudgraver, putjes‑ schepper

aurifragium See aurifrigium

aurifraser, aurifresarius an embroiderer

aurifriatus, aurifrigiatus having an orphrey

aurifrigium, aurifresium, aurifrisium, aurifrixium an orphrey, golden embroidery on clerical vestments

auriga voerman, wagenbestuurder, wagenknecht

aurisia blindness (Gk. aorisia)

auroca, aurocus a haycock, a hayrick; the quantity of hay which can be lifted on a handle of a scythe

aurore dageraad, morgenstond, morgenrood, oranjegeel, goudgeel,

aurÚ gouddruppels

aurus See averus

ausgehender monat de twe tweede de helft van de maand

ausgeher bode, voorbode

auspice op gezag van

australis zuidelijk

australis zuidelijk

austur, austurcus a goshawk (astur palumbarius. Fr. autour)

austurcharius a falconer

ausungius fat

auszahler betaalmeester

autaer altaar

autela a horse's breastplate or poitrel, probably an error for antela

autem echter

autentijkelijk naar waarheid

authentijcq bekrachtigt, geloofwaardig, het eerste ontwerp

authentique rechtsgeldig

authentiquement zie authentique

authentiseren bekrachtigen, krachtig maken

authorisatie machtiging, toestemming, bekrachtiging, last, volmacht

authoriseren machtig maken, gezag geven

authuer maker van een geschrift

autment afk. autrement, anders, niet erg,

autographum eigenhandig vervaardigd stuk, dus geen kopie of afschrift ook; grondschrift, eigenschrift, grondtekst (die later vertaald is)

automne herfst

autre part aan de andere zijde

auts afk. autres, anderen

autumnalis van de herfst, herfst‑

autumnus herfst

autumnus translated "summer" in the books of the Middle Temple

autumpnare to bring the harvest home

auxilie hulp

auxilium an aid

auxionarius See auctionarius

av afk. avoir, voor

av. j. c. afk.avant JÚsus christ , datum, .... na Jezus Christus.



av(i)a grootmoeder, ava, avia

avagaar handboor met knop aan bovenzijde

avagium payment for right of pannage in the lord's wood

avalagium a fixed engine to take fish; eelbucks; the descent of a river; toll paid therefor

avalare to descend a river

avancement vordering, bevordering

avanceren vorderen, bevorderen

avant l' aurore voor dag en dauw

avantage voordeel

avantagium See advantagium

avaragius one who looks after draught cattle

avec la promesse de mariage met de belofte dan te trouwen

avellana nux a hazel nut

avenagium avenage, rent paid in oats

avenant evenredigheid

avenarius an avener, purveyor of oats

avencia advance

avent oven

aventallum a ventaile, or visor

aventura See adventura

aver om, over

avera a day's work of a ploughman

averagium service with horse and carriage due by the tenant to his lord; contribution by merchants towards losses of cargo by tempest

averarius a man who looks after farm cattle

averghegheven overeengekomen

averia horses or oxen for the plough; cattle generally

averia de pondere, or ponderis avoirs du poys, i.e. fine goods, such as spices, weighed by the pound at the king's small balance when the duty was charged

averium goods, merchandise

averoud overoud

averrare to carry goods in a wagon, or on horseback

avers afkering, tegenpartij

averse regenbui, stortbui, plensbui

averse orageuse onweersbui

averseeren tegenstreven, tegenstaan

averus a farm horse, or draught ox

avetronc onecht kind

aveu bekentenis, erkenning, het bekennen ook, toestemming, medeweten

aveugler blind maken

aveux zie aveu

avi, avia, avus (resp.) grootouders, grootmoeder, grootvader

avi pater overgrootvader

avi relicta grandfather's widow

avia materna grootmoeder van moederszijde

avia paterna grootmoeder van vaderszijde

aviaticus a nephew

avironatus rowing

avironus an oar

avis used like the Fr. oiseau, for a hawk or falcon

avisagium See avagium

avisamentum advice

avisare to advise

avitus van grootvader, voorvaderlijk

avitus grootvaderlijk

avitus van grootvader, voor vaderlijk

avoare See avocare

avoaria avowry

avocare to avow, confess; to justify

avoceren afstemmen, ontraden

avoine haver

avond de dag v¾¾r het feest. bv de korstavond is 24 december

avondbedinge avondgebed

avondmaaltje, kerkboek speciaal voor het avondgebed

avont vanavond

avontclocke tijdsip waarop allerlei verbodsbepalingen in werking treden, ook; wanneer de stadspoort gesloten werd

avontlicht poortklok

avontuir geval

avousen op iemand gezondheid drinken

avragium See averagium

avril april

avrus See averus

avuncula tante van moederszijde

avuncula tante aan moederskant

avuncula moederszus, tante van moederszijde; vrouw van moeders broer

avunculus oom van moederszijde

avunculus mother's brother, uncle

avunculus moedersbroer, oom van moederszijde; man van moeders zuster

avunculus oom aan moederskant

avunculus oom van moederszijde of zwager der zuster

avunculus oom

avunculus magnus broer van grootouder aan moederskant

avunculus magnus oudoom, grootmoedersbroeder

avunculus magnus grandmother's brother

avunculus magnus broer van grootouder aan moederszijde

avunculus maior broer van overgrootouder aan moederszijde

avunculus maior broer van overgrootouder aan moederskant

avunculus major overgrootmoeders broer

avunculus maximus broer van betovergrootouder aan moederszijde

avunculus maximus broer van betovergrootouder aan moederskant

avunculus maximus broer van de betovergrootmoeder

avus grootvader

avus grootvader; vooronder

avus grandfather

avus maternus grootvader van moederszijde

avus maternus grandfather on mother's side

avus paternus grandfather on father's side

avus paternus grootvader van vaderszijde

avus plur avi grootvader, grootouders, voorouders

avus; plur. avi grootvader; grootouders, voorouders

avys waarschuwing, advies

awardium an award

aweit wachtpost, wacht, schildwacht, nachtwake

ax(el)el Axel

Ax(el)la Axel

axare to make or fit an axle‑tree

axiliare to help

axioma een gemene regel

ayer eierenhandelaar

ayeul grootvader

aymellatus enamelled

ayziamentum See aisiamentum

az. afk. azuur, in heraldiek de kleur blauw, ook lazuur genoemd, vaak ook als bl. afgekort

azaldus an inferior horse

azarum steel

azen voeden, voldoen

azesiae tiles (?), shingles (?)

azur azuur

a´eul grootvader

a´eule grootmoeder

a´eux voorouders

æt gundt æzie t gunt

æt gunt hetgeen

Æt noordcoer (in) het noordkoor van een kerk (meestal slaat dit op het begraven)

Æt suitcoer (in) het zuidkoor van een kerk (meestal slaat dit op het begraven)

B afk. begraafregister



b. afk. baptisatus, gedoopt, gedoopte

b. afk. boisseau, geheimhouden

B. afk. bandboekdeel

B.L. afk. benevole lector, welwillende lezer

B.M. afk. Beatae Memoiae, zaliger gedachtenis

B.M.V. Beatae Mariae Virginis

b.p. afk. baptizatus parocho, gedoopt door de pastoor

b.s. afk. baptizatus sacellano, gedoopt door de kapelaan

ba.roen baron, is een ôghenooten of banreherenö.

baa neus snotneus, druipneus

baad bode

baaierd herberg, ook; passantenhuis voor vreemdelingen die behoeftig waren

baaierdboef landloper, zwerver

baak vuurtoren

baander baanspinner lijnslager in een touwslagerij

baanderheer ridder met recht om onder eigen banier/vaandel vazallen aan te voeren

baanrots zie baanderheer

baar teken in heraldiek, linker ‑schuinbalk

baarkind kind ten graven gedragen op een baar, ca. 1‑12 jaar oud

baarlyk in eigen persoon

baarsgewijs teken in de heraldiek, in de richting van een linker ‑schuinbalk geplaatst

baas meester

baay grof wollen stof

babatum a horseshoe

babijn garenklos

baca an iron hook or staple

bacar a turnip

baccalarius, baccalaureus a bachelor

baccalaureus geleerde, academicus (de laagste graad)

Baccalaureus houder van de laagste academische graad (student die zijn algemene academische opleiding afgesloten en de specialisatiecyclus aangevat heeft), ondermeester

baccile, baccinium a bason

baccorf broodmand

bacexcijns cijns geheven over het bakmeel voor brood

bachelarius a young knight; a knight disqualified from youth or poverty from carrying a banner in war See baccalarius

bacheleria the commonalty, as distinguished from the baronage

bacho See baco

bachten achter

bachtenbliven achterblijven

bachwaerdich zie bacwaerdich

bacile, bacina, bacinus a bason

bacinettum a basinet, a helmet smaller than a helm and usually pointed at the top

baciser wafelijzer, braadpan

bacium a horsecloth. O.E. base See bassum

back kuil onder watermolenrad, voorste afdeling van een diligences

backe baksel

backenslaen oorvijg geven

backerheghe zie backerige

backerige, bakkersvrouw

backerscool houtskool, hout in een bakoven

backershuus bakkerij

backijser ijzeren bak ‑ en/of braadpan

backiser zie backijser

backousen soort broek

baco a hog; a salted pig's carcase; a flitch of bacon; a ham

bacovens bakoven

bactile a candlestick, esp. of wood

bactoereye bakhuis

bacularius a bachelor

baculus a crozier

bacvonnis vonnis gewezen zonder aanwezigheid van de partijen

bacwaerdich hij die in gebreke blijft, hij die niet aan zijn verplichtingen in rechte voldoet, die niet op de dag verschijnt.ook; die aan zijn verplichtingen niet voldoet, juridisch gezien

bacwarich zie bacwaerdich

bacwoordich onwaar, niet ter zaken doende.

badden baden

badenkemken weiland voor de paarden van de bodedienst

baderie zie badestove

badestove badhuis

badigeonneur witkalker

badius bay (horse)

baduhennae lucus Veluwe

Baduhennae lucus Veluwe

baduit zie beduit

baduit inhoudsmaat, 1 baduit = 1/4 kan en ca 0,4 ltr voornamelijk in Noord. Brabant

baecvleesch varkensvlees

baeicamer badkamer

baeicupe badkuip

baelge slagboom, hek, paalwerk. ook; een als plein afgezette plaats

baelgie voogdij, rechtsgebied van een landsheer

baemesse feestdag van St. Baafs, 1 oktober

baenroodse zie banreheer:

baer bloot, naaktook; baring, verlossing heraldiekteken, linkerschuinbalk in een wapen, geeft meestal bastaard aan(lijk)baar

baerachtich zwanger

baercleet lijkkleed

baerdbecken scheerbekken

baerde bijl

baerhuus huisje waar de lijkbaar in werd opgeborgen

baerschuldich kennelijk schuldig, volkomen als schuldig erkend

baersen ter wereld brengen

baert het baren, ook; gezichtsbeharing

baertmaker zie baertmakere

baertmakere barbier, aderlater, heelmeester

baertscherer zie baertmakere

baertse bijl

baerweder storm, zeer slecht weer

baes patroon van een werkman

baevenverhaelde bovenvermelde

baeykijn baaien kledingstuk

baffa a flitch of bacon

baffen blaffen

baga a bag or purse

bagage reistuig

Bagalosum Bakel (NB)

Bagalosum Bakel

bagatinus a small brass Venetian coin, worth in the 17th century about one sixteenth of a penny



bage kostbare ring ook; kostbaarheden

bagea a badge

baggaerden baggeren, uitbaggeren

baggaertsvat emmer om bagger te scheppen

bagge gouden sieraad

baggele biggetje

bagijn zie beghinaook; kindermuts

bagine bagijn, lekenzuster van een vrije ægeestelijkeÆ orde

bagne strafkolonie, inrichting voor dwangarbeid, deportatieoord

bague (vinger)ring

baguette de sourcier divinatoire wichelroede

bagus bay (horse)

bagynmeester zie bagynmeister

bagynmeister begijnmeester, opzichter/ ambtenaar belast met toezicht over een begijnhof

baharren kind baren

bahuda, bahudum a chest; a trunk, called a barehide in English

bahut boerenkast,

bahuut grote koffer, meestal met leer overtrokken

baia rumour; a bay

baiardus a bay horse

bail wijze van beheer van de æheerlijkheidÆ (gebied)

baila, bailium bail

bailius, baillivus a bailiff

baill afk. bailliage, baljuw‑, drossaardzaken

baille zie balie,

bailli baljuw, drost, drossaard

baillia bailiwick

bailliu ende schout baljuw en schout

baillium a grant in trust; the "bailey" of a castle

baiulus besteller, drager, bode

baiulus besteller, drager, bode

baiulus bode, bestellen, boodschapper, kruier,lastdrager

baiulus lit(t)erarum postbode

baius bay (of a horse)

bajula a pitcher; the office of bajulus; a nurse

bajulator a bearer; a guardian

bajulus a bearer; a bailiff

bajulus zie balie

bajulus aquilae an officer in the military order of St. John of Jerusalem, the Bailly of the Eagle

bak graanmaat, 1 bak = 1/4 mud, = 4 spint, ook; soms 1/4 hl. ook; gevonden 1/8 deimt. turfmaat, 1 bak = 3000 ltr.

bakaker. koperen, ijzeren of blikken emmer bij de regenton

bake (levend) varken, ook; gezien, geslacht varken, zij varkensvlees

bakelaar, laurier

bakelaarkruut, laurierbladeren

bakelaerbloem Zie bakelaar

baken bakken, ook; sein

bakenspec varkensspek

baker bakker, ook hulp bij bevallingen

bakeria a bakehouse

bakermand langwerpige mand of houten bak

bakermat zie bakermand

bakersfooi 3 stuivers

bakevlees varkensvlees

bakkersstoof steenbakkers oven

baksjen oorveeg

bala a bale

balade gedicht waarvan de laatste strofe begint met een opdracht aan de prins

baladeuse kar

balance wegen, vergelijken

balancea, balancia a pair of scales

balancemeester waagmeester

balanceren balans, weegschaal, evenaar

balasius a balasse ruby, of a pale colour

balc houten balk, zoldering, dakbalk

balca a balk (of land)

balcanifer the standard‑bearer of the Knights Templar

balcanum The Templars' standard

balch balg

balchhont wachthond, waakhond

balcknoot draagsteen onder een balk

balcsteen oplegsteen voor een draagbalk

bald spoedig

baldacinifer See balconifer

baldekinum, baldicum baudekin, a kind of brocade of silk and gold, originally brought from Bagdad; a canopy

baldrea a baldric

balducta a posset

bale dansen

balengaria, balingarium a balinger; a barge

balesius See balasius

baleuga See banleuga

balgen ruzie hebben, vechten

balger vechtersbaas

balidinus bay (of a horse)

balie inhoudsmaat, 1 balie = 2 tonook; tobbe, kuip, mand

baliemand grote platte vierkante mand, voor linnengoed en kleren.

balista used for a cross‑bow, which is properly arcubalista

balistarius an arblaster, a cross‑bowman

balistarius handboogmaker, boogschutter

baliu zie baljuw, komt ook voor als; baeliu, baelju, balgu,

baliuwinne baljuwsvrouw

baljuw landvoogd, landdrost, ambtenaar, door de landsheer met de rechtspraak in een zekere streek belast rechter in het algemeen. In heerlijkheden met hoger, middelbaar en lager gerecht was een baljuw de rechtstreekse vertegenwoordiger van de heer . Ook; die over het halsrecht en de straffen van de misdaden aangesteld is

baljuwschap ambt van een baljuw, rechtsgebied van een baljuw verdeeld in schoutambten, bevolking in het rechtsgebied van de baljuw

balk heraldiek teken, dwarsbalk

balla See ballia, balliva

ballare to sweep; to dance

ballatio a ballad

balle kaf

ballenbinder inpakker, emballeur

ballerigghe danseres

balleuca See banleuga

balli(v)us opperrechter, landvoogd, grafelijk ambtenaar,hofmeester, baljuw, regent

ballia the "bailey" of a castle See balliva

ballijncbouc boek waarin aantekeningen van veroordeelde misdadigers en hun straf

ballinc gerechtelijke brief met volmacht voor executie van de straf of vonnis

ballinchuus huis voor het opsluiten van de ôbannelingenö

ballist wapen in de middeleeuwen

ballium bail; the "bailey" of a castle; wardship; a grant in trust

ballius opperrechter, landvoogd, grafelijk ambtenaar, hofmeester, baljuw, regent

ballius a bailiff

balliva, ballivatus bailiwick; office

ballivus a bailiff

ballivus zie ballius

balmont slechte voog

balneare to bathe

balneator badstoofhouder, scheerden, barbier, kapper

balneator, ‑is badmeester

balneo, miles de a knight of the Bath

balneta some sort of whale

balnetator badmeester, houder van een badinrichting, scheerder, barbier, kapper

balsane windvaan, windwijzer

balt (de balt legghen te terne ) een gerechtelijke handeling

balus a bale

balustraria loopholes

bamba a bed

Bamestra Beemster

Bamestra Beemster

Bamis / St. Bavo 1 oktober

ban rechtsgebied, rechtsdistrict, ambacht ook; veroordeling, verbanning als straf, afkondiging van gerechtelijke handeling

banboec register of boek met de optekening van de namen en begane misdaden

bancale, bancarium a banker, a covering for a bench

banck zie bank

banckrechten rechten zoals zij in het æbankgebiedæ gelden

banclock(e ) de klok, waarmee het stedelijk bestuur de burgerij samenriep, om haar hun bevelen kenbaar te maken.

bancstede een plaats op de àà.banken, door een burger gepacht om zijn waren te koop te stellenook; een plaats in een kerkbank, waarop het recht eveneens gekocht werd

bancum, bancus a bench

band boekdeel, ook; omvangmaat van gebundeld riet, dikke bos = 33 cm, dunne bos = 24 cm

banda a band (of soldiers)

bandach rechtsdag

bandage ijzeren wielband

bandelier draagriem voor geweer

banderol vlag of wimpel aan een lans, vaak met opschrift

banderolle vlag, wimpel

bandijc een belangrijke dijk, welke gerechtelijk geschouwd werd, waarop een dwang voor onderhoud rust

bandinc de formele rechtzitting, terechtzitting waarvoor alle æ dingplichtigenÆ worden opgeroepen

banditen ballingen

bandsgewijs heraldiekteken, geplaatst in de richting van de rechter ‑schuinbalk

bandum a pennon

bandyt uitgebannen, balling

baneale error for bancale (?), q.v

banent beemd, weiland

banera, baneria a banner

banerettus a knight made in the field, by cutting off the point of his pennon and making it a banner

bangenoot medelid van een schepenbank

banidium a badge

banier soort vlag aan een stok

baniken copuleren, neuken

baninge beschuldigd van moord

banistiek vlaggenkunde

bank pijnbank

bankerot failliet

bankert onecht kind

banleuga, bannaleuca the bounds of a manor or town; the circuit of a monastery over which it has jurisdiction. (Fr. banlieu.)

banmeester naam van de libelmeesters,een raadslid, bevoegd tot het uitbrengen van een rapport / besluit over een rechtszaak door het geestelijke gerecht bij de raad aanhangig gemaakt

banmolen dwangmolen, verplicht te gebruiken molen

bannaliteit verplicht gebruik van de banmolen

banne het gedwongen gebruiken van de molen,ook; begrensd rechtsgebied

bannen vonnissen, verbannen als straf; plechtig bijeenroepen

bannen (enen) in de (kerk)ban doen.

bannerheer ridder met het recht om onder eigen banier (vaandel) vazallen aan te voeren

banni marriage banns

banni verbannen

bannich zie bannen

bannir zie banni

bannis actis na de (drie) afkondigingen

bannissement verbanning, ballingschap

bannissement (

bannitus vogelvrijverklaarde, balling

bannum behorend tot de æbanneÆ , gedwongen gebruik van bv de molen, bakoven



Deel met je vrienden:
1   ...   8   9   10   11   12   13   14   15   ...   148


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©tand.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina