Van de volheid van ons bestaan door spiritualiseren van onze beschaving



Dovnload 412.55 Kb.
Pagina1/13
Datum20.05.2018
Grootte412.55 Kb.
  1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   13

­­
STROMEN VAN BEWUST BELEVEN

VAN DE VOLHEID VAN ONS BESTAAN

DOOR SPIRITUALISEREN VAN ONZE BESCHAVING
dr. H. Louis Jonkers,

dr. ir. Bas Gravendeel






Betekenis van mystiek, religie en spiritualiteit


voor een zinrijk bestaan van bewust geven, ontvangen en delen

van scheppingswaarden van natuur, mens en maatschappij,






Arnhem, 4 februari 2014

ADDRESSING THE BLIND SPOT OF OUR TIME

We live in a time of massive institutional failure, collectively creating results that nobody wants. Climate change. AIDS. Hunger. Poverty. Violence. Terrorism. Destruction of communities, nature, life—the foundations of our social, economic, ecological, and spiritual well-being. This time calls for a new consciousness and a new collective leadership capacity to meet challenges in a more conscious, intentional, and strategic way. The development of such a capacity will allow us to create a future of greater possibility.

C Otto Scharmer.

ONZE VOORSTELLINGEN EN VERHALEN ALS BRONNEN VOOR ONS WILLEN EN KUNNEN


Onze voorstellingen van ons zelf en van de werkelijkheden om ons heen en onze verhalen over goed en kwaad zijn onze mentale schapen, grazend op de weidegronden van ons leven. Leven is je schapen hoeden. Denken is hun warme vachten zien.

Studeren is hun vachten scheren en het wassen van de wol. Schrijven is garen spinnen van de schoongewassen wol. Streven is met je garen laken weven. Creëren is met je laken kleding maken.

Dat mag je kunnen, willen, doen en leren. Dat is leven met je nieuwe kleren aan.

Die kleren draag je tot ze uit de mode of versleten zijn.

Dan moet je naar je weidegronden gaan. Daar zie je dan je lammeren, als dragers van je nieuwe wol, met hun vragende ogen staan. Wat ga je doen? Waar denk je aan?

Wat doe je in je leven, met al je kleding aan? Dat zijn van die vragen, waarvoor je mentale schapen staan.


Lout Jonkers.

Een getuigenis van beleven
Ik heb gezien wat ik nooit zag,

ik weet wat ik vroeger niet wist,

 de Heer is bij mij,



alle dagen van mijn reis.
Hennie G.R. Jacobs


INHOUDSOPGAVE


VOORWOORD 4
TOELICHTING 10

ONS ESSAY



  • Kernconcepten en uitgangspunten voor dit essay 16

  • Nieuwe wegen binnendoor 19

  • Geloven en weten? 23

  • Kritisch denken 24

  • Het wonder van de werking van de schepping 27

  • Stromen in de tijd van voorstellingen en verhalen 29

  • Stromen van scheppingswaarden 30

  • Kritisch denken en geloven 32

  • Wat is een handelend mens 34

  • Mysterie van de schepping van kosmos, aarde, 38
    natuur en mensheid

  • Een werkende bewustwordingskerk 39

  • Religieus paradigma voor de bewustwordingskerk 42

  • Beeld van een moderne theologie 44

  • Noten voor een slotakkoord 48

BIJLAGE 1



  • Bewustzijn, vrije wil en genade 50

BIJLAGE 2



  • Over mystiek, religieus, spiritueel en maatschappelijk bewustzijn 59

  • Pragmatisch solidarisme voor duurzaam zinvol 59
    leven

  • Vroeger, nu en later 60

  • De mens als instrument voor ontplooiing van goddelijk 62
    bewustzijn

  • Bouwstenen van weten en geloven 65

  • Bewustzijn, visioen en mystiek 67

  • Goed en kwaad in de wereld 69

  • Het werkwoord God 70

  • Een seculiere tijd 71

  • Verlies van beleefbare volheid 73

  • Rationele theologie en openbaringstheologie 76

  • Wat is godsdienst? 77

  • Wat is waar en wie mag het zeggen? 78

  • Tussen wonder en werkelijkheid 78

  • Opstanding of verhaal 79

  • Zoektochten 80

  • Tasten naar een slot 82

BIJLAGE 3



  • Belevingen, denkbeelden en voorstellingen 85

  • Bewustzijn, speelveld van de menselijke vrije wil en het geheim God 4

  • Consciousness 90

  • Spiritueel bewustzijn 90

  • Het geheim dat mensen god noemen 90

  • De bijbel als weerklank van de natuur 91

  • Rede en geloven 91

  • Geschiedenis van de Joodse mystiek 91

  • Ashkenazische chassidim 92

LITERATUURLIJST 96

VOORWOORD

Andere tijden, andere waarden, andere stromen, andere tempels, andere pleinen.



Mensen spreken over een spannende tijd; verrassende kansen, onverwachte bedreigingen. We zijn prooidieren voor de slaloms van het lot. Verschrikkende bevingen van de aarde waarop we bouwen. Een van de duizenden miljarden cellen in ons lichaam vergist zich bij het delen om te vermenigculdigen en we sterven in pijn. Een duister celletje in de staat, een religieuze extremist, een bedorven bankier, een opgejaagde beursagent of een verziekte arts en olievlekken van leed breeken ons leven. Biologen zeggen: ziekten horen bij evolutie. Daar helpt geen bidden tegen ondanks alle psalmen! De eeuwige en oneindige substantie van het geestelijk universum stort het levenslot over ons uit. Is er dan toch echt geen reddende god die zeeën voor ons splijt en ons helpt ontkomen aan het kwaad dat we aanrichten of ondergaan?
Menselijk kennen en kunnen onttovert de openbaringen van het ‘onbepaalbare geestelijke universum in het ‘bepaalbare kosmische universum’, via de beddingen voor de stromen van onze overlevingswaarden en belevingswaarden in onze wereld van alle dag. Het bepaalbare wordt voor mensen steeds meer kenbaar, naar gelang het werkwoord God minder kenbaar wordt en verder buiten de innerlijke belevingsruimte van mensen werkt. Zo verliest de mens betekenis, als instrument in handen van het geheim dat mensen god noemen; het geheim van de werkende Schepper en schepping (Carel ter Linden). Verlichte zieners, heilige boeken. Telescopen, microscopen, horoscopen, profeten en priesters. Hoe kun je weten? Wie mag je geloven? En toch is de bevrijdende werkelijkheid dichterbij dan we denken. Maar we zien het niet! Nog niet!
Met dit essay willen wij zoeken stimuleren, naar nieuwe nystieke doortochten voor spirituele verrijking van onze maatschappelijke en geestelijke paradigmata, door kritische overwegingen van filosofische en theologische paradoxen, zoals rede en profetie, weten en geloven, panentheïsme en antropomorf personalisme, vrije wil en Goddelijke genade en wereldorde versus heilsorde. Daartoe nodigen we lezers uit tot elkaar bevragen, voor innerlijke reflectie en inspiratie en vooral voor bewust werken aan de spiritualiteit van zin geven, zin ontvangen en zin delen. Dat vergt bewust verbinden van ons met het geestelijk en kosmisch universum, als ‘mede-scheppers’ in de ontplooiing van het geheim van de schepping in onze wereld van alle dag. Nodig is daarvoor, in sociale processen samen vieren, lezen, leren, spreken en schrijven voor beter weten en dieper geloven en voor samen werken aan - haalbare ideële doelstellingen en concrete activiteiten. Die activiteiten mogen leiden tot stromen van nieuwe voorstellingen en verhalen over de zin van ons bestaan. Zo vervullen nieuwe voorstellingen en verhalen andere tijden met andere waarden in andere stromen uit andere tempels in andere pleinen voor mensen van vandaag en morgen.
Vragen om collectief te overdenken. Is mystieke bewustwording van het bestaan van het geheim van de altijd werkende eenheid van Schepper en schepping het juiste antwoord op de vervlakking en leegte van de huidige samenleving? Is het besef van de complexiteit van de kosmos en van de innig, instrumenteel daarmee verbonden mens de aanzet tot de mystieke beleving van de eeuwige en oneindige substantie (substantia, essentiële technische term, Ethica 1, definitie 3) waarvan de mens de attributen (attributum, technische term, Ethica 1, definitie 4) moet manifesteren in de modi (modus, technische term, Ethica 1, definitie 5) van al wat is (Benedictus/Baruch de Spinoza 1632-1677)?

Draagt ons weten van het geestelijk en kosmisch universum bij aan de evolutie en ontplooiing van de eenheid van Schepper en schepping, met instrumentele inzet van de mens? Is het intensief met elkaar leren, met elkaar vieren en samen dienen van mensheid en natuur de weg om de ontplooiing van het bewustzijn van Schepper en schepping te dienen? Kan de mens zich met bewustworden van zijn mystieke verbinding, roeping en mede verantwoordelijkheid voor de evolutie van de schepping bevrijden uit zijn schuld aan de ellende van de wereld?


Wat zegt ons heilige boek over deze vragen? De Bijbelse taal en voorstellingen worden steeds moeilijker te verstaan. Marcus Borg schrijft: “In deze tijd vormt het biblicisme - met nadruk op de onfeilbaarheid van de Bij­bel, de historische feitelijkheid en de morele en leerstellige absoluut­heid - een obstakel voor miljoenen mensen.” Ontelbaar zijn de vraagstukken op het gebied van de ethische kaders voor macht en onmacht van mensen en hun instellingen, onder de spanningsbogen tussen rede en gevoel, tussen wetenschap en geloof en tussen competitie en solidariteit. Onze wereld is doortrokken van religieuze verkilling, spirituele onverschilligheid, secularisatie en luie ontkerkelijking. en consumentisme, door verstoffen van oude verhalen en door de fantoomwaarden van geld. Heeft Christendom, wetenschap en welvaart ons van onze natuur vervreemd? Wie vraagt nog naar de ultieme zin van zijn of haar bestaan; de zin van ons voelen, denken, doen en laten? Wie wandelt echt langs de binnenwegen van hart en verstand? Met Carel ter Linden kunnen we elkaar vragen wat we nu ‘in Gods naam doen’. De diepste vraag waarvoor we staan. Dieper is er niet! Wie weet?
Met dit essay zoeken wij nieuwe doortochten , vanuit onze huidige religieuze paradigmata, naar nieuwe wegen voor weten en geloven. ‘Werkende bewustwordingskerken’ en spiritueel en politiek vrije universiteiten kunnen daarbij het voortouw nemen. Spiritueel geïnspireerd universitair en kerkelijk onderzoek, onderwijs en prediking is te richten op mystiek geïnspireerde vereniging van filosofische, geestelijk wetenschappelijke, en natuurwetenschappelijke disciplines met levenswetenschappelijke en maatschappijwetenschappelijke disciplines, tot nieuwe paradigmata voor denken, voelen en doen. Naar het voorbeeld van Thomas van Aquino (1224 – 1274; eerst veelvuldig verketterd, later vaak verheerlijkt) mag constructief onderzoek en onderwijs in comparitie met mystiek bewogen burgers leiden tot bewust getuigen van het ‘geheim dat mensen God noemen’ (Carel ter Linden). Zo moge een nieuw Godsbeeld en een nieuw mensbeeld – als instrumenteel dienstbare medeschepper – zich in de wereld ontplooien tot een nieuw kerkbeeld en een nieuw maatschappijbeeld. Zo komt, in de context van onze moderniteit, een wezenlijke paradigmaverandering voor mens, kerk en maatschappij in beeld.
In onze seculiere en gematerialiseerde samenleving hebben mensen het mystieke bewustzijn verloren, van onze instrumentele betekenis en mede-aansprakelijkheid voor de ontplooiing van het geheim van de schepping in het leven op aarde. . Mensen beleven de spirituele rijkdom niet meer, van de openbaring van hun bijzondere roeping in de wereld, als mede-schepper vanuit het geheim God. Sommigen zien God immers niet meer transcedent maar immanent. In de sterke betekenis bedoelt men met de immanentie van God dat God voortdurend aanwezig is, als een innerlijke drijvende kracht die de hele schepping doordringt. Bepaalde religies (bijvoorbeeld het pantheïsme) sluiten aan bij deze visie, andere religies verwerpen haar. De tegenovergestelde idee is dat God ver verwijderd of transcendent is geworden. In de zwakkere betekenis wijst immanentie op het geloof dat God ingrijpt in de schepping, dat de wil van God tot op de dag van vandaag gebeurtenissen beïnvloedt. Deïsten geloven echter dat God zich na de schepping van het heelal terugtrok en niet meer actief aanwezig is. Allemaal speculatieve voorstellingen en verhalen.

Wij stellen echter dat het geheim van de schepping, dat mensen als God ervaren, niet hetzij de ene vorm heeft hetzij de andere. Het is niet aan de mens om vorm en verblijfplaats van God en zijn relatie tot God eenduidig te kennen. Realiteiten in het oneindig en eeuwig onbepaalbare van de schepping, het brongebied van waaruit al het bepaalbare aanzien krijgt, zijn altijd pluriform, plastisch en in evolutie. De werkelijkheid is voor de mens altijd anders en nooit volledig kenbaar, noch vanuit wat de filosofie kan kennen uit de rede, noch uit het geloof, wat de theologie kan kennen – vanuit de bijbel. De rede is gericht op kennen van natuurlijke werkelijkheden. Het geloof is volgens Thomas van Aquino vereist voor het aannemen van openbaringswaarheden; zoals bijvoorbeeld de drie-eenheid, en de menswording van God in Jezus van Nazareth. Dit zijn waarheden die de menselijke rede overstijgen. Bij constructieve ontmoeting van filosofie en theologie gaat het om de wederzijdse verrijking van ‘kennen om te geloven’ en ‘geloven om te kennen’ in de mentale spiralen van kritisch en creatief vragen en antwoorden voor steeds rijker weten en dieper geloven. Dat zijn de geestelijke evolutiespiralen van exploratie, creatie, cognitie en intuïtie.


In onze wereld is overigens veel meer aan de hand dan secularisatie en materialisering. Onze cultuur van intellectualiteit en lichamelijkheid verdringt de cultuur van emotionaliteit en spiritualiteit. Met termen uit de Chinese filosofie kunnen we stellen: Yang verdringt Yin. Rationele masculiniteit onderdrukt emotionele en spirituele feminiteit. Zo verkilt onze bewuste identiteit en verdampen onze collectieve referentiekaders voor goed en kwaad. In die normvrije ruimten van onze samenleving bloeit het onkruid van materialisme, egocentrisme, extreem liberalisme, narcistisch en ongefundeerd positivisme. Dat alles is overigens niks nieuws onder de zon. Bij monde van Jesaja laat onze Schepper weten dat Hij dit gedrag verafschuwt. Over macht en kwaad sprak lang geleden Jesaja immers al (Jesaja 33 vers 15 en 16):

“15 Wie rechtvaardig leeft en de waarheid spreekt, wie woekerwinst door afpersing weigert, wie aangeboden steekpenningen afwijst, wie niet wil toehoren als een moord wordt beraamd, wie niet kan aanzien hoe het kwaad geschiedt – 16 hij zal hoog hierboven wonen, veilig in de onneembare rotsburcht; in zijn brood wordt voorzien, aan water is nooit gebrek.”

Maar niemand begrijpt in onze moderniteit waarom de voorzeggingen van Jesaja tot op heden zo weinig preventief en curatief effect hebben op de strijd voor overleven van natuur en mensheid, tussen goed en kwaad. Werkelijk anders denken, anders beleven en anders doen? Hoe dan ‘in Gods naam’? We hebben onze kerken de steden uitgedreven. Hoe brengen we onze steden weer terug in nieuwe werkende kerken, zodat straten en lanen van ons dagelijks leven zullen leiden naar mystiek beleven van de volheid van ons bestaan (Charles Taylor).
In dit essay roepen we op om met ons bewustzijn te werken om te weten, te voelen, om te geloven en te zingen, om te zijn, om te stijgen langs de spiraal van ons evoluerende bewustzijn; de spiraal van vragen en antwoorden voor dieper geloven en rijker weten, als bodems voor telkens nieuwe vragen en andere antwoorden. Mystiek gevoed spiritueel bewustzijn zal daartoe de paradoxen orkestreren tussen de rationeel beleefde rede en de emotioneel beleefde intuïtieve profetieën van heilige boeken . Dat is de evolutionaire spiraal van onze identiteit en moraliteit, als persoon en als cultuur. Daarbij gaat het natuurlijk niet om uiterlijkheden, noch om spiritueel bloedeloze discussies over gecompliceerde theologische begrippen. De ware Christen, inclusief de ware theoloog, kent de leer van Christus en tracht die leer in zijn leven tot uitdrukking te brengen. Dat was ook de paraclesis van Erasmus; zijn oproep tot de vrome lezer. Wij herhalen met dit essay die oproep! Voor Erasmus was Christus zelf aanwezig in de heilige teksten van het Nieuwe Testament. Hoe helpen we elkaar die aanwezigheid vandaag bewust te beleven, met studie, verbeeldingskracht, gesprek en daadkracht?
Marcus Borg vraagt in zijn boek over het hart van het Christendom: “Wat is, in deze tijd van verandering en conflicten binnen de kerk, het hart van het christelijk geloof? Wat behoort het meest tot de kern van authen­tiek Christendom en Christelijk leven.” Je kunt je afvragen of Christelijk geloven en leven draait om eisen, straffen en belonen, in het hiernumaals en/of in het hiernamaals? Is het begrip ‘genade’ een door mensen verzonnen fictie of is het de rede voor het bestaan in ‘voorwaardelijke vrijheid’ van al wat leeft in het kosmische en het geestelijke universum? Maar wat is Christelijk leven dan toch? Wat is weten en wat is geloven? Wat is bewustzijn en wat is spiritualiteit? Wat is zin geven? Wat is zin ontvangen en wat is zin delen? Wat is de

mystieke ‘volheid van ons bestaan’ waarover Charles Taylor schrijft in zijn boek over

onze seculiere tijd.

Hans Stolp vraagt in zijn boek: “De bijzondere tijd waarin wij leven.” nog een tandje dieper door. Hij reikt daarbij naar diepere lagen van ons geestelijk zijn. Hij schrijft: ”wij stellen elkaar steeds vaker existentiële vragen zoals “Wie ben ik? Waarom leef ik op aarde? Wat is mijn missie, of wat is de opdracht van mijn leven?” Deze vragen zijn opvallend, omdat ze niet uit ons gewone ratio voortkomen, - we bedenken ze niet- maar ze komen uit diepere lagen van onze ziel. Steeds komen ze weer terug. Ze komen uit het hogere deel van het ik. Dat wordt meestal het geestelijke ‘zelf’ genoemd. Het is onze geestelijke kern, dat wat we in diepste wezen zijn. Ons geestelijke ‘zelf’ stamt uit de goddelijke wereld en maakt deel daarvan uit…. Ook wel de druppel uit de zee van het Goddelijke genoemd, de Godsvonk of het hogere Ik. Het leeft in de diepte van onze ziel, onbewust van het alledaagse, aardse bewustzijn.”


Idealiter verlangen mensen naar ontplooien van de eigen identiteit, door opstijgen langs de mentale spiralen van menselijk bewustzijn, met voortdurend verder vragen en antwoorden, voor steeds rijker weten en dieper geloven. Dat is de eeuwige zoektocht van de mens naar ‘authentieke waarden’, als vruchtbare grond voor de selectie van ‘existentiële waarden’ uiteindelijk voor vertaling naar de stromen van broodnodige operationele overlevingswaarden en belevingswaarden; het levend water voor alle dag. Omhoog werkend langs die mentale spiralen, van vragen, antwoorden, wassend weten en golvend geloven zoeken mensen, langs de kusten van de kenbare schepping, doortochten naar de ‘werkende God’ (David Cooper) Afdalend langs die spiralen zoekt God - zoals mensen hopen en bidden - naar de bewust wordende mens als dienend instrument voor de ontplooiing van Zijn schepping. Het werkwoord God (David Cooper) verwijst naar het eeuwig vitale geheim van de schepping (Carel ter Linden). Allusieve belevingen langs die mystieke spiralen kunnen plotseling uitzichten openen op nieuwe doortochten naar ruimere spirituele paradigmata. Zo kunnen zich nieuwe waardepercepties ontvouwen voor opkomst van nieuwe waardestromen voor leven en beleven van natuur en mensheid.
Dit essay biedt geen leerstelligheid; alleen een klemmende oproep tot spiritueel gerichte arbeid als rode draad voor geestelijk leven . Met dit essay over “mystiek, religie, spiritualiteit en bewustzijn” willen we trachten - samen met u Lezers – tot hogere windingen te stijgen, van de geestelijke spiralen van ons vragen en antwoorden voor evolutie van ons weten en geloven.
In dit document wordt een ruime variëteit van bouwstenen en bouwmethoden voor nieuw denken, weten en geloven aangereikt en kort toegelicht. Wij benadrukken dat deze doos met bouwstenen niet compleet is. Daar is ook niet naar gestreefd. We bieden een breed palet van gedachten, inspiraties en paradoxen. Uiteindelijk doel is, de mens weer te laten zijn zoals hij bedoeld is: verbonden met zichzelf, met zijn medemens, met zijn omgeving en vooral met zijn Maker! Maar wanhoop niet! Alles stroomt, leerde ons Heraclitus. Ook religie is eeuwig in beweging. Alles stroomt en verandert in ons weten en geloven. Stromen is leven! Leven is hopen op vormen van vooruitgang in de voortgang van onze tijd van leven! Voortgan waarbij mensen andere accenten plaatsen dan rede, wetenschap, technologie en eendimensionale monetaire economie. Werkelijke Vooruitgang is opstomen naar een natuurlijke, humane en geestelijke samenleving.
We bieden in dit essay een verzameling van observaties en beschouwingen voor uw eigen werkzame bijdragen aan de bouw van een nieuw wereldbeeld en een nieuw heilsbeeld, vanuit een nieuw mensbeeld en een nieuw Godsbeeld. Die nieuwe beelden tonen een werkende God voor bewust zoekende mensen in open werkende bewustwordingskerken; kerken met leerhuisfuncties, godshuisfuncties en tempelpleinfuncties voor de hele wereld. Nieuwe wereldbeelden en heilsbeelden zijn te ervaren als de semaforen voor onze wegen naar nieuwe wereldordes en nieuwe heilsordes. Die ordes zullen ontstaan uit ontplooiing van menselijk mystiek bewustzijn.
Belangrijk voor een werkende en mystiek stromende bewustwordingskerk is herenigen en wetenschappelijk uitbreiden van de programma’s van filosofie en theologie tot programma’s van biofilosofie en biotheologie, voor bestuderen van de betekenis en werking van het lichaam-brein-geest organisme van de mens in de ‘homosfeer’, als brug tussen de ‘ecosfeer’ en de ‘theosfeer’, bij het bewust beleven van het geheim van de schepping; het geheim dat mensen als de werkende God (David Cooper) ervaren.
Wanneer filosofie en theologie over God spreken zijn die beschouwingen niet van elkaar te scheiden als vanuit beide disciplines de relatie wordt bestudeerd, tussen het kosmische en het geestelijk universum. Maar ze zijn wel van elkaar te onderscheiden. Filosofie gaat uit van de rede voor kennen om te geloven, terwijl theologie uitgaat van profetieën, voor geloven om te kennen. De transformatie van filosofie en theologie naar biofilosofie en biotheologie richt fundamenteel en kerkelijk onderzoek, onderwijs en prediking op de eschatologische betekenis van het biopsychische agens van het verschijnsel mens, als communicator en interpretator, tussen het intuïtief benaderbare geestelijke universum en het met rede benaderbare kosmische universum. De ontwikkeling van biofilosofie en biotheologie voor het onderzoek van de werkelijke verbindingen tussen het geestelijk en het kosmische universum plant rede en intuïtie van het menselijk bewustzijn, in de vruchtbare grond van de kosmische natuur.

Met inzet van de studie van biofilosofie en biotheologie kunnen we aanknopingspunten voor weten en geloven zoeken in kosmologie en biologie (Wim Vrolijks). In zijn boek over het ‘onvoorstelbare’’ formuleert Wim Vrolijks heel bondig de kernvraag voor onze verkenning, waar hij schrijft: “In eerste instantie had ik mij daarbij als taak gesteld te zoeken naar de mogelijkheden van contact tussen de ons bekende wereld (met name die van mensen daarbinnen) en die andere onvoorstelbare werkelijkheid. Hoe kunnen die met elkaar in contact treden, c.q. met elkaar communiceren?”

Wij tekenen hierbij aan, dat deze uitdaging de geheime grondslagen aanduidt van zulke wetenschappen als wiskunde, natuurkunde, astronomie, chemie en biologie.

Kunst en profetie verschaffen mensen intuïtieve toegangen tot het geestelijk universum. Biofilosofie en biotheologie verschaffen de menselijke rede toegangen tot het kosmische universum. Het wonder van de natuur van het menslijk bewustzijn verbindt deze toegangen. Zo openbaart zich de roeping van de mens om te functioneren als creatieve verbinder tussen geest en kosmos in het creatieve geheim van de schepping.



Deel met je vrienden:
  1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   13


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©tand.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina