Oefenmateriaal zuren en basen 1 pH van oplossingen



Dovnload 263.98 Kb.
Pagina2/4
Datum26.10.2018
Grootte263.98 Kb.
1   2   3   4

3 Eiwitbepaling


Om het eiwitgehalte van diervoeding te bepalen bepaald men eerst het gehalte stikstofatomen in het eiwit

Als warm, geconcentreerd zwavelzuur aan een eiwit wordt toegevoegd dan worden de stikstofatomen in het eiwit omgezet in ammoniumionen. Men kan met behulp van deze reactie het eiwitgehalte van diervoeding vaststellen. Daartoe bepaalt men eerst het aantal mmol eiwit-N per gram diervoeding.

Deze bepaling wordt als volgt uitgevoerd.


  • Aan 1,0 gram diervoeding wordt 4 mL geconcentreerd zwavelzuur toegevoegd. Na enige tijd verwarmen wordt het mengsel volledig overgebracht in een maatkolf en met gedestilleerd water aangevuld tot een volume van 50,0 mL.

  • Van de ontstane oplossing wordt 5,0 mL gepipetteerd in een erlenmeyer. Vervolgens wordt aan de inhoud van de erlenmeyer een overmaat natronloog toegevoegd. Het NH4+ wordt daardoor volledig omgezet in NH3.

  • Daarna wordt door verhitting al het NH3 uit de oplossing verwijderd. Al het NH3 wordt geleid in 5,0 mL 0,10 M zoutzuur. Het opgeloste HCl is in overmaat aanwezig. Het NH3 wordt door reactie met zoutzuur volledig omgezet in NH4+ .

  • Tenslotte wordt de oplossing getitreerd met natronloog.

Bij deze titratie moet alleen het overgebleven H+ (H3O+) worden omgezet, en niet het NH4+ .



Om die reden voert men de titratie zodanig uit dat de pH bij het bereiken van het eindpunt van de titratie niet boven de 5,7 uitkomt. Bij deze pH is de verhouding zo klein dat de omzetting van NH4+ in NH3 te verwaarlozen is.

a Bereken de verhouding bij pH = 5,7

Men voert bovenbeschreven bepaling uit aan een diervoeding A voor de genoemde titratie blijkt 7,7 mL 0,030 M natronloog nodig te zijn.


b Bereken het aantal mmol eiwit-N per gram diervoeding A
Uit het aantal mmol eiwit-N is het aantal mg eiwit-N te berekenen.

Vervolgens kan men hieruit het aantal mg eiwit berekenen door gebruik te maken van de volgende omrekeningsformule:

aantal mmol eiwit (per gram diervoeding)= aantal mg eiwit-N (per gram diervoeding) ∙ 6,3
Van een diervoeding B heeft men vastgesteld dat het aantal mmol eiwit-N per gram diervoeding 1,9 is.

c Bereken het massapercentage eiwit in diervoeding B.

1 a NaAc → Na+ + Ac oplosvergelijking

Ac + H2O ⇆ Hac + OH dus de oplossing wordt basisch dus pH > 7

b NaClO3 → Na+ + ClO3

oplossing heeft pH = 7 dus is ClO3 een zeer zwakke base want het is niet in staat om met water te reageren. Als ClO3 een zeer zwakke base is dan is HClO3 dus een sterk zuur.






Deel met je vrienden:
1   2   3   4


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©tand.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina