Georg Lukács Specific particularity as the central category of aesthetics (1967)



Dovnload 5.5 Kb.
Datum07.11.2017
Grootte5.5 Kb.

Georg Lukács – Specific particularity as the central category of aesthetics (1967)

Samenvatting door Bart Roskam


In de tekst van Lukács staan individualiteit, universaliteit, en particulariteit centraal (Einzelheit, Allgemeinheit, Besonderheit). Volgens Braembussche schreef Lukács de esthetica die Hegel had willen schrijven en dus vinden we de vertrouwde drieslag terug. Bij Lukács gaat het om de individualiteit en de algemeenheid die in de aufhebung de particulariteit bereiken. Esthetische reflectie probeert de totaliteit van de realiteit te begrijpen. Maar slechts het beschrijven van de totaliteit is niet genoeg, dit leidt tot materialisme. Slechts individualiteit in een kunstwerk is ook niet okay, waarmee Lukács uitkomt op de aufhebung van deze twee categorieën. In de aufhebung is er geen sprake van verlies van de eerste twee categorieën, maar altijd een preservatie. Vervolgens stelt Lukács dat elke significante vorm van kunst de strijd aangaat met de grote problemen van haar tijd. Het is alleen in perioden van decadentie dat deze problemen ontweken worden. Deze decadentie vindt men volgens Lukács in de avant-garde welke alleen individualiteit inbrengt, maar geen universaliteit. Lukács haalt vervolgens Dobroljubow aan voor zijn vergelijking van de schrijver en de filosoof; De schrijver en de filosoof hebben dezelfde bron, en doen hier vervolgens zelf iets mee. Het is niet de schrijver die de theorie van de filosoof toepast. Hiermee is de onafhankelijkheid van de meest progressieve kunst gewaarborgd. Hoe beter de kunstenaar, hoe beter deze in staat is de universaliteit in de mensen en de wereld terug te voeren naar een particulariteit. Aristoteles had al gezien dat bij dichters en komieken typisch (=specifiek particulier) menselijke trekken object van satire waren geworden, niet de individuele mensen.

Lukács refereert nogmaals naar de perioden van grote decadentie. Hierin wordt de individualiteit gefetisjeerd tot absoluut uniek, onherhaalbaar, niet elimineerbaar. Hiermee gaat de rijkere notie van individualiteit verloren en verliest men het contact met het sociaal amalgaam. Volgens Gorky komt deze focus op het individuele juist omdat men het contact met het sociale amalgaam, de universaliteit, verloren heeft. [de avant-garde waartegen Lukács zich keert is dan dus een gevolg van de vervreemding]



Voor de categorie particulariteit moeten we altijd bedenken dat de twee extremen, individualiteit en universaliteit, altijd verschuivende eindpunten zijn. De particulariteit is eerder een veld in het midden. Dit is een probleem van de esthetische reflectie; hoe kunnen we het middelpunt bepalen? Lukács verwijst vervolgens naar het verschil tussen het drama en de epiek. Het drama heeft doorgaans een neiging om het focale punt van de particulariteit dichter bij het universele te zoeken. De epiek gaat meer in op het individuele. Lukács is echter niet de dogmaticus die hierdoor de één of ander als defect zal bestempelen, je kunt wellicht wel een richting of neiging identificeren.

Het probleem hoe kunst esthetische wetten vervuld blijft problematisch, omdat bij elke vervulling alleen kan plaatsvinden wanneer de esthetische wet herboren, uitgebreid wordt. [Bij elke verdere verschuiving van individualiteit en universaliteit, verschuift ook het midden, de particulariteit]. Elke simpele applicatie van esthetische wetten zou de esthetische essentie van het werk vernietigen. In één kunstwerk kunnen er wel verschillende aspecten neigen naar universaliteit of individualiteit werk zolang ze plaatsvinden in dezelfde sfeer van particulariteit. Lukács keert zich tegen de dogmatische esthetici. Het is niet mogelijk om tijdloze principes toe te passen op individuele kunstwerken. Je moet juist kijken naar hoe het kunstwerk deze principes heeft veranderd.

Deel met je vrienden:


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©tand.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina