Gegevens bloedgroepbepaling. Het bloed bestaat uit diversen zouten en rode inkt die met elkaar klonteren. Anti A: 5% Kopernitraat Anti B: 2% KaliumChromaat Rh factor: 1,7 Zilvernitraat Bloed Slachtoffer Paul Oberje: water



Dovnload 237.29 Kb.
Pagina1/2
Datum20.05.2018
Grootte237.29 Kb.
  1   2


Gegevens bloedgroepbepaling.
Het bloed bestaat uit diversen zouten en rode inkt die met elkaar klonteren.
Anti A: 5% Kopernitraat

Anti B: 2% KaliumChromaat

Rh factor: 1,7 % Zilvernitraat
Bloed Slachtoffer Paul Oberje: water, inkt (O-)

Bloed onder de nagels (plaats delict): 10 % NaCl (O+)

Bloed Verdachte 1: 3,5% loodnitraat (B-)

Bloed Verdachte 2: 10 % NaCl (O+)

Bloed Verdachte 3: 5% NaFosfaat (A+)

Bloed Verdachte 4: 10 % NaCl (O+)
Les 2.2. Bloedgroepbepaling.
Inleiding:

Bloedgroep en bloedfactor

Ieder mens heeft bloed van een bepaalde bloedgroep; de vier belangrijkste bloedgroepen zijn A, B, AB en O. Bloedgroepen zijn erfelijk. Op de celmembranen van rode bloedcellen kunnen bepaalde stoffen zitten. Deze stoffen worden bloedfactoren of antigenen genoemd. Ze bepalen welke bloedgroep iemand heeft.

• Bloedgroep A: heeft bloedfactor A op de membranen van rode bloedcellen

• Bloedgroep B: heeft bloedfactor B

• Bloedgroep AB: heeft zowel bloedfactor A als B

• Bloedgroep O: heeft geen enkele bloedfactor


Bloedgroep bepalen

Als antistoffen in contact komen met bloedfactoren, gaan ze eraan vasthechten. Ze

plakken zo verschillende rode bloedcellen aan elkaar, waardoor klonten ontstaan.

Op deze ‘klonterreactie’ is de bloedgroepbepaling gebaseerd. Om de bloedgroep te bepalen, wordt gebruik gemaakt van twee antisera. Het ene bevat antistoffen tegen

bloedfactor A (anti-A), het andere bevat antistoffen tegen bloedfactor B (anti-B).

Je kunt onbekend bloed aan deze twee mengsels toevoegen en naar de reactie kijken.


Onbekend bloed klontert niet ­ bloedgroep O

Onbekend bloed klontert met alleen anti-A ­ bloedgroep A






Onbekend bloed klontert met alleen anti-B bloedgroep B


Anti-A

Anti-B

Bloedgroep
Onbekend bloed klontert met anti-A en anti-B ­ bloedgroep AB


O


A



B


AB


De Rhesusfactor.

Een onderdeel van de bloedgroep is de rhesusfactor. De rhesusfactor wordt aangegeven met positief of negatief achter de bloedgroep. Door het testserum voor de rhesusfactor te gebruiken bepaal je of je positief of negatief bent. Als je rhesuspositief bent, is de rhesusfactor aanwezig in je bloed en krijg je klontering. Als je rhesusnegatief bent krijg je geen klontering en is de rhesusfactor afwezig in je bloed. 


Je bloedgroep bestaat dus uit bloedfactoren (Anti A en/of B of geen) en een rhesusfactor (+ of -) Je kunt dus bijvoorbeeld bloedgroep O+ of AB- hebben.

Benodigdheden:
Test-serum anti A

● Test-serum anti B

Test-serum rhesusfactor

● Wit geplastificeerd papier met 6 afdrukken van het testschaaltje.

● Bloed van de plaats delict, bloed van de 4 verdachten en bloed van het slachtoffer

● Testbakjes voor het testen van bloed (zie afbeelding hieronder)







Deel met je vrienden:
  1   2


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©tand.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina