Ethische Commissie Dierproeven Retrospectieve analyse



Dovnload 103.76 Kb.
Datum15.09.2018
Grootte103.76 Kb.




Ethische Commissie Dierproeven
Retrospectieve analyse

Documentversie 13/11/2017







Gelieve dit document ingevuld en ondertekend

terug te sturen naar de ECD (ecd-secretariaat@minf.be)

binnen de 2 maanden na het beëindigen van het project.

Wettelijk kader:

Artikel 18 van het koninklijk besluit van 29 mei 2013 preciseert dat alle projecten die ingeschaald werden als “licht”, “matig” of “ernstig” deel moeten uitmaken van een retrospectieve analyse binnen een termijn van 2 maanden na het beëindigen van het project, zoals bepaald door de ECD van de VUB. Overeenkomstig hetzelfde artikel moeten alle projecten die op niet-menselijke primaten of gezelschapsdieren (bv. honden en katten) worden uitgevoerd een retrospectieve evaluatie ondergaan. Wegens de gevoeligheid aangaande het gebruik van primaten en gezelschapsdieren in België, wordt aanbevolen om een jaarlijkse retrospectieve analyse uit te voeren voor projecten die uitgevoerd worden op deze diersoorten.


Bij de retrospectieve evaluatie van een project, dient men zich in essentie de vraag te stellen of men met de huidige en verworven kennis het onderzoeksproject op dezelfde manier zou uitvoeren.

0. In te vullend door de verantwoordelijke proefleider:

Titel van het project :

De door de Ethische Commissie toegekende code van het project :

Begindatum van het project:

Einddatum van het project:

Datum van de retrospectieve evaluatie van het project:



1. Project en realisatie van de doelstellingen

1. Werd het project uitgevoerd?

Ja (Zie vraag 3)

Neen (Zie vraag 2)

Gedeeltelijk (Zie vraag 2)
2. Het project werd niet of slechts gedeeltelijk uitgevoerd omwille van:

Geen of onvoldoende financiering

Geen of onvoldoende geschikte medewerkers

Geen of onvoldoende geschikte dieren

Geheel of gedeeltelijk achterhaalde vraagstelling

Technische problemen

Geen of onvoldoende bevredigende resultaten van de eerste (piloot-)experimenten

Prioriteitswijzigingen in onderzoekspipeline

Andere redenen (Verklaar)

3. Werden de verwachte doelstellingen van het project bereikt?

Ja

Neen (Verklaar)


4. Welke voordelen werden gehaald uit dit project en op welke manier werden deze verspreid of toegepast?

2. Dierproeven : diersoort, aantal dieren en ernstklasse

5. Komt de gebruikte proefdiersoort overeen met wat werd aangevraagd?*

Ja

Neen (Verklaar)


* Onder andere proefdiersoort verstaat men een proefdiersoort die niet vermeld werd in de initiële projectaanvraag of bijkomende dieren aangevraagd via een amendement of aanpassing van het project.

6. Komt het aantal gebruikte dieren overeen met wat werd voorzien in de projectaanvraag, bijvoorbeeld op basis van de statistische analyse?






Voorziene aantal

Gebruikte aantal

Dierproef 1







Dierproef 2







Dierproef 3







Dierproef 4















Totaal project






Indien het effectieve aantal gebruikte dieren gevoelig afwijkt van het voorziene aantal (zowel minder als meer), beschrijf dan de redenen hiervan *:




* Onder het voorziene aantal verstaat men het aantal dieren vermeld in de initiële projectaanvraag, plus de eventuele bijkomende dieren aangevraagd via een amendement of aanpassing van het project.

7. Preciseer de vastgestelde of actuele ernstklasse van de dierproeven:

De omschrijving en voorbeelden van de verschillende ernstklassen zijn terug te vinden in Art 18§1 en bijlage 5 van het KB van 29 mei 2013.



Wanneer in het project voor de eerste maal een nieuwe procedure of type dierproef uitgevoerd werd, wanneer honden, katten of primaten gebruikt worden of wanneer de Ethische Commissie dit gevraagd heeft bij de evaluatie en goedkeuring, dient ook het aantal dieren vermeld te worden (Gebruik in dat geval de overzichtstabel bij vraag 8.)






Hoogst voorziene ernst

Alle vastgestelde/actuele ernst-categorieën




Geen

Licht

Matig

Ernstig

Terminaal

Geen

Licht

Matig

Ernstig

Terminaal

Dierproef 1





















Dierproef 2





















Dierproef 3





















Dierproef 4











































Totaal project*





















* Enkel indien de ECD een globale score geeft
8. Preciseer het aantal dieren per vastgestelde of actuele ernstklasse van de dierproeven :

ENKEL VERPLICHT VOOR NIEUWE PROCEDURES, HONDEN, KATTEN OF PRIMATEN OF OP UITDRUKKELIJKE VRAAG VAN ECD:







Hoogst voorziene ernst

Alle vastgestelde/actuele ernst-categorieën

Aantal dieren in:

Geen

Licht

Matig

Ernstig

Terminaal

Geen

Licht

Matig

Ernstig

Terminaal

Dierproef 1































Dierproef 2































Dierproef 3































Dierproef 4































































Totaal project






























Indien de werkelijke, vastgestelde ernstklasse en aantallen afwijken van de voorziene, leg dan uit waarom:



3. Toepassing van de 3 V’s

Vervanging

9. Hebt u gedurende het project kennis genomen van alternatieve methoden (in vitro/in silico) die toepasbaar zijn voor uw experimenteel model?

Neen

Ja (Verklaar)

Vermindering

10. Heeft dit project inzichten opgeleverd die in de toekomst het gebruik van minder dieren mogelijk maken?

Neen

Ja (Verklaar)*

* Voorbeeld: door het schrappen van niet-responsieve tijdpunten of parameters, het combineren van proeven en/of het delen van controlegroepen kunnen er in de toekomst minder dieren gebruikt worden

11. Was het aantal gebruikte dieren voldoende om hier betrouwbare besluiten uit te trekken en was het model dat gebruikt werd voor de oorspronkelijke statistische analyse het meest aangewezen?

Ja

Neen (Verklaar)*

* Voorbeeld: In specifieke gevallen kan het onderzoek soms uitgevoerd worden met minder dieren dan de initiële power analyse aangeeft

Verfijning

12. Is met de huidige en verworven kennis het gebruikte diermodel nog steeds het meest aangewezen?

Ja

Neen (Verklaar)


13. Werden gedurende het project extra verfijningsmethoden toegepast om het lijden van de dieren te verlichten? Kan in de toekomst het lijden van de dieren in een soortgelijk dierproefmodel verminderd worden?

Neen

Ja, op het vlak van chirurgische methoden (Specifieer)

Ja, op het vlak van humane eindpunten (Specifieer)

Ja, op het vlak van procedures voor de follow-up van de dieren (Specifieer)

Ja, op het vlak van methoden voor het doden van de dieren (Specifieer)

Ja, op het vlak van voeding (Specifieer)

Ja, andere (Specifieer)
4. Dierenwelzijn

14. Zijn er na het experiment bijkomende specifieke opmerkingen in verband met het dierenwelzijn?

Neen

Ja (Specifieer)

Handtekening van de verantwoordelijke proefleider:



Handtekening van de laboratorium directeur:



Deel met je vrienden:


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©tand.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina